i

Dit verhaal gaat over:

Locatie: Boekel , Wanroij
Jaar: 2013
Tags:

Wat je al niet doet om 't verleden te ontrafelen

vertelde op 20 oktober 2014 om 17:38 uur

De laatste week voor kerst 2013 ben ik druk bezig geweest met deze foto, afkomstig van m'n tante An*, die enkele jaren geleden is overleden. Ik ben bij de Boekelse, Gemertse en Erpse Heemkundekring geweest, maar ook bij twee ooms en twee tantes en ik heb in ‘t Zorgcentrum mensen gesproken.

Ik dacht dat het ging om huldiging van teruggekeerde Indiëgangers. Ik ben ook bij 'n nicht in Erp gaan informeren en bij mensen op de Bovenste Huis in Boekel.

Bij nagenoeg iedereen die ik sprak, kreeg ik wel ‘n hint of ‘n ingeving. Zoöok hier. Omdat een van de personen op de Bovenste Huis was biljarten in Ontmoetingscentrum Boszicht (KBO), ben ik daarheen gegaan. Al die ouderen daar vonden ‘t best interessant en er kwamen allerlei, ook schunnige, verhalen los. Maar geen echte overtuigende match.

Juist toen ik weer wilde gaan, vroeg ik nog terloops: “en die mensen die daar zitten te kaarten?”. “Oh, mar deh zin gin echte Boekelse!”. “Ja mar, deh hoeft ôk nie, ‘t kan ôk ‘n foto van ‘n aander dörp zin!” Dus toch er maar naar toe. Zit daar Arnold Verbrugge (die ik dikwijls op de Heem had gezien) en die blijkt meteen ‘n stuk of zes personen te herkennen, afkomstig uit twee molenaarsfamilies uit Wanroij (de toenmalige elite van ’t dorp).

Hij bleek ook lid te zijn van de Wanroyse Heem en zou de fotokopie daar laten zien en nog wat van zich laten horen. Ik terug naar m’n tante Ger, die me tot dan toe nog niet echt had kunnen helpen. Toen ik vroeg of  tante An ooit connecties had gehad in Wanroij, wist ze onmiddelijk te vertellen: “oh ja, ze heeft daar gediend bij ene mulder, die gescheiden was, alleen maar jongens had en een ervan was dokter geworden.”

Dubbele match dus. Klus nagenoeg geklaard. Maar ‘t heeft dan ook, zowel letterlijk als figuurlijk, best wat voeten in aarde gehad. Maar ‘t was nog niet gedaan. Arnold belde me later op met namen en geboortejaren, en op basis daarvan moet de conclusie zijn: ‘t zijn waarschijnlijk geen Indiëgangers. Volgens Arnold werd je op je 18e gekeurd en kwam je rond je 20e in dienst. Dan zouden ze in 1950 in dienst zijn gegaan en toen gingen er al geen militairen meer naar Indië. Volgens mijn oom Ad, ook Indiëganger, kwam hij in november 1950 terug en dat was het een na laatste regiment.

We zien op de foto dus drie soldaten in uniform in 1952 of 1953. Linksonder is Herman Reynen, (*1931), neef van de lachende militair bovenin, tussen twee vrouwen, Sjef Reynen (*1930), en broer van Wim Reynen (*1930), rechtsboven (geen uniform). Volgens Arnold heeft Herman de molen van zijn vader overgenomen en is Wim later huisarts geworden. Vóór Wim zit mijn tante An(na Maria van de Ven) (met bril).

Helemaal rechtsonder is Teun Berbers, een zwager van Wim en Herman. Zijn weduwe zou nog leven, dacht Arnold.

*Tante An was ‘n zus van m’n moeder. Ze deed in die tijd heel veel naaiherstelwerkzaamheden. In de jaren ‘50 en '60 had ze samen met haar man ‘n textielwinkeltje aan De Pandelaar te Gemert.

Deel dit verhaal op:
  • Pinterest
  • Tumblr
  • Toevoegen als favoriet
  • Afdrukken

Reageer op dit verhaal

Heb je al een account? Log in met je gegevens.

Heb je nog geen account? Plaats zonder inloggen, of Registreer een account

Help spam voorkomen en los de volgende som op:

Lees ook deze verhalen

vertelde op 27 maart 2009 om 15:11 uur

Zul je netjes oppassen? Brief aan de Schijndelse Indiëganger Jan Smits

vertelde op 12 januari 2010 om 11:25 uur

Een jubilerende aalmoezenier

vertelde op 2 november 2010 om 09:00 uur

Thuisfront