i

Dit verhaal gaat over:

Locatie: Sint-Oedenrode
Periode: 1893 - 1943
Tags:

Een struikelsteen voor een geboren Rooienaar

vertelde op 18 september 2019 om 10:24 uur

Op intiatief van de Heemkunde Kring Helmond wordt er op 26 september 2019 een struikelsteen gelegd voor het huis Hoogeindsestraat 4 in Helmond, waar Andries Koppens met zijn echtgenote en dochter ondergedoken zat. Na verraad wordt het gezin op 28 augustus 1943 opgepakt.

Mobilisatietijd 1914-1918, op de achtergrond het huis van de familie Koppens (met vlag)

Andries Koppens wordt op 16-06-1893 in St.-Oedenrode geboren als derde en laatste zoon van Jacob Koppens, koopman van beroep, en Mietje Koppens-de Wit. Het gezin heeft totaal zeven kinderen: Megchelina, Jacob, Samuel, Sara en Andries; Elisabeth en David († 1888) overlijden vroegtijdig. Na de dood van Jacob Sr. zet zijn vrouw de zaak voort, totdat Jacob Jr. oud genoeg is om zelfstandig de handel in te gaan.

De familie Koppens, met stropdas Jacob Koppens

In de twintiger jaren staat Andries in St.-Oedenrode geregistreerd. Hij huurt in 1922 een nieuw gebouwde middenstandswoning aan de Lindendijk. Daar is hij zelden te vinden en de gemeente St.-Oedenrode moet dan ook regelmatig betalingsherinneringen sturen. Het pand in St.-Oedenrode wordt daarom in 1927 onderhands verhuurd.

Andries is koopman in manufacturen en vertegenwoordiger en Rotterdam is meer zijn werkterrein. Hij is op 14 juli 1921 in Rotterdam getrouwd met Maria van Leeuwen (1899-1943). Op 29 januari 1923 wordt hun dochter Milly geboren. Het gezin woont tot 1936 op diverse adressen in Rotterdam en verhuist daarna naar Den Bosch, Luybenstraat 24, waar zij tot hun onderduik wonen.

Andries Koppens

Milly doorloopt in Den Bosch de Nuts-ULO school en slaagt in 1940 voor het A-diploma. Zij verlooft zich op 10 september 1941 met Eduard (Eddy) Vos, kantoorbediende uit Amsterdam. Lang kunnen zij niet van hun geluk genieten. Eddy wordt op 4 september 1942 op transport gesteld naar Auschwitz, 80 kilometer vóór Auschwitz uit de trein gehaald en tewerkgesteld in de Kosel-kampen. Op 31 maart 1944 is hij niet meer in leven.

Na de deportatie van Eddy besluit de familie Koppens onder te duiken in Helmond en huurt een huis van de familie Dijckmans. De familie Dijckmans heeft een schoenenwinkel annex schoenmakerij aan het Binderseind en bezit meerdere huizen in de stad. De familie Koppens houdt zich schuil, maar Andries, die veel vrijheid gewend is, heeft het daar moeilijk mee. In de avond waant hij zich veilig en gaat wel eens 'een luchtje scheppen'. Een onverstandige zet: de familie Koppens wordt verraden.

Volgens het rapport van de gemeentepolitie zijn in de namiddag van 28 juli 1943 drie Joodse personen in Helmond opgepakt op het adres Hoogeindsestraat 4. Volgens ooggetuigen wordt de familie Koppens gillend uit het huis gesleurd. Opperwachtmeester Bogaerts en wachtmeest Kool brengen hen 'ten burele' en sluiten moeder en dochter in cel 1 op, vader in cel 2. Op 7 augustus 1943 om 06.30 uur zijn zij volgens het dagrapport 'door Kool en hulpagent Jansen op transport gesteld naar de SD in 's-Hertogenbosch'.

Met vriendelijke dank aan ‘Heemkundekring Helmont’, waarvan de werkgroep Struikelstenen ervoor zorgt dat de verhalen over Joodse en Sinti-slachtoffers uit Helmond niet verloren gaan.

Foto’s: Collectie Jo van der Kaaij.

Bronnen: Gerard Boley in Heemschild (1982), afl.1, p. 12-21.

Deel dit verhaal op:
  • Pinterest
  • Tumblr
  • Toevoegen als favoriet
  • Afdrukken

Reacties (3)

Marilou Nillesen
Marilou Nillesen bhic zei op 18 september 2019 om 15:00 uur

Aangrijpend verhaal, Willie, zeker om te lezen dat de familie gillend uit huis wordt gesleurd; dat gaat door merg en been. Weet je misschien ook hoe het de familie verder is vergaan?

Heemkundekring Helmont zei op 20 september 2019 om 07:38 uur

Hoe het de familie verder is vergaan? Zij komen in kamp Vught terecht en gaan op 15 november 1943 met een rechtstreeks transport naar Auschwitz. Bij aankomst in Auschwitz vindt geen selectie plaats, omdat in Vught de mannen al zijn gescheiden van de vrouwen. Het gehele transport gaat voor zes weken in quarantaine. Van de vrouwen wordt nooit meer iets vernomen. Onder hen breekt buiktyfus en andere ziekten uit en na zeven weken zijn er nog 20 vrouwen in leven (van de 526). In januari 1944 vinden er bij de overgebleven mannen selecties plaats en zij worden over andere kampen verdeeld. Veel mannen van dit transport komen terecht in de kolenmijnen van Janina en Furstengrube. De hele familie heeft als overlijdensdatum 31 januari 1944. Volgens het Rode Kruis waren zij toen niet meer in leven. De verhalen van de Helmondse Joodse slachtoffers en onderduikers staan in ons boekje '...Niet vergeten...Struikelstenen in Helmond', vanaf 25 september 2019 verkrijgbaar bij Heemkundekring Helmond.

Marilou Nillesen
Marilou Nillesen bhic zei op 20 september 2019 om 14:00 uur

Dramatisch om te lezen hoe het deze familie - zoals zovelen - verder is vergaan. Hartverscheurend als je bedenkt hoe dat moet zijn gegaan, en juist daarom goed om dat nooit te vergeten.

Veel dank voor deze aanvulling, hoe schokkend het ook blijft dit te lezen.

Reageer op dit verhaal

Heb je al een account? Log in met je gegevens.

Heb je nog geen account? Plaats zonder inloggen, of Registreer een account

Help spam voorkomen en los de volgende som op:

Lees ook deze verhalen

vertelde op 9 mei 2016 om 15:44 uur

Joodse koopman uit Etten vermoord in Sobibor

vertelde op 23 januari 2018 om 11:43 uur

Zigeunerrazzia in Helmond

vertelde op 11 februari 2019 om 15:27 uur

Het verhaal achter een struikelsteen: de geschiedenis van de familie van der Hoeden