i

Dit verhaal gaat over:

Locatie: Vught
Tags:

Jacobus Craandijk over Vught

vertelde op 4 maart 2008 om 13:45 uur

Jacobus Craandijk (1834-1914) was een doopsgezind predikant die graag door Nederland wandelde. Van die wandelingen deed hij verslag in een reeks boeken, die hij, misschien niet geheel verrassend, als titel Wandelingen door Nederland meegaf. Het eerste deel daarvan verscheen in 1875.

Tussen 1892 en 1890 verscheen in afleveringen het deel Noord-Brabant-Zeeland, met een hoofdstuk “Te Vucht en naar Boxtel”.

Zijn reis naar Vught werd geplaagd door erg slecht weer, maar Craandijk bleef positief: 
“onder de dorpen mag Vught een der aanzienlijksten en welvarendsten worden genoemd. Gebouwd aan de groote wegen van Den Bosch naar Breda en Eindhoven, die zich hier splitsen, was het verkeer er levendig, vóór dat de spoorbaan werd gelegd; en nam de spoorweg, in 1868 geopend, ook veel van de drukte van karren en ruijtuigen weg, hij bevorderde er op andere wijze leven en bloei, terwijl ’t er nog in den zomertijd aan bezoekers en equipages geenszins ontbreekt.

Een niet onbelangrijke nijverheid, door looijerijen, brouwerijen, een olieslagerij, een spijkerfabriek en sedert eenigen tijd ook door de groote stoomdrukkerij der Catholieke Illustratie vertegenwoordigd, verspreiden er welvaart.

Maar aantrekkelijk is ’t vooral, door de vele nieuwe en deftige heerenhuizen en de talrijke buitengoederen, deels in het dorp zelf, deels in den naasten omtrek te vinden (...)

Wij komen van den kant van het station, langs den breeden, met linden beplanten weg, van waar verschillende dwarswegen uitgaan, allen met grooter en kleiner huizen in ’t groen omzoomd, waar, bij de tegenwoordige Hervormde kerk, de wegen naar Breda en Eindhoven zich splitsen. Hier ligt het ruime witte huis van Zionsburg met zijn drie daken, te midden van een’ smaakvolle aanleg en van statig hout omringd. Het jaartal 1663 in den gevel zal wel het jaar der stichting van het tegenwoordige gebouw aanwijzen.

ZionsburgBehalve het ouderwetsche, deftige Zionsburg, dat wij lang genoeg beschouwen kunnen, nu een nieuwe regenbui ons geruimen tijd onder de veranda van het Bijltje gevangen houdt, heeft Vught nog eenige andere oude huizen en buitenplaatsen over.

Een enkel “kasteeltje” is gesloopt, zoo als Spreeuwenstein, waarvan alleen de naam op het hek naast de herberg is bewaard gebleven, maar in het dorp zelf vinden wij nog het groote, onregelmatige huis van het oudadellijke Leeuwenburgh, half wit en half rood, met een’ witten, gekanteelden toren in het front en een laag, antiek torentje daarnevens. Daar tegenover, op eenige afstand, zien wij het geele huis van Leeuwenstein, met zijn’ puntgevel, in een digt begroeid bosch, te midden der lage, groene weiden.

LeeuwenburgAan den dijk  -  bij wiens ingang, tusschen het groote geele klooster en de geele R.C. kerk, de steenen palen staan, met de wapens van Beresteyn en Bruart  -  ligt het eveneens geel gepleisterde huis Muiserick en op korten afstand het belangrijkste van allen: het fraaije, nog welbewaarde kasteel Maurick, ook met geelen pleister aangestreken. 

Geel schijnt hier een gezochte kleur."

Muiserick Maurick
Deel dit verhaal op:
  • Pinterest
  • Tumblr
  • Toevoegen als favoriet
  • Afdrukken

Reageer op dit verhaal

Heb je al een account? Log in met je gegevens.

Heb je nog geen account? Plaats zonder inloggen, of Registreer een account

Help spam voorkomen en los de volgende som op:

Lees ook deze verhalen

vertelde op 7 mei 2012 om 13:21 uur

Het bijzondere leven van Le Sage ten Broek

vertelde op 2 april 2004 om 14:06 uur

De Commissaris van de Koningin over Vught

vertelde op 16 februari 2012 om 16:02 uur

Vught door de ogen van dominee Stephanus Hanewinckel