i

Dit verhaal gaat over:

Locatie: Oijen en Teeffelen
Tags:

Ondernemend pastoor

vertelde op 10 maart 2010 om 14:21 uur

Hij is in de hoogtijdagen van het Rijke Roomse leven niet zeldzaam, de pastoor die zijn stempel zeer nadrukkelijk op een kleine gemeenschap drukt. Die in zijn nimmer aflatende kruistocht tegen alles wat niet voldoet aan het ideale Roomse wereldbeeld, een hele gemeenschap naar zijn hand zet.

Dat beeld heeft echter veel meer kanten: er is ook de daadkrachtige bouwpastoor met (veel) eigen geld, die school en gemeenschapshuis aan zijn parochie nalaat. En er is de sociale pastoor, die als een ware herder zijn arme kudde leidt, met oog voor materiële noden.

De krachtige persoonlijkheid Albertus Felet voldoet aan al die karakteristieken. Hij wordt geboren in 1851 in Nijmegen en werkt als priester in Sint-Michielsgestel en Ravenstein. In 1899 wordt hij pastoor in Oijen, waar hij alleen, zonder hulp van kapelaans, tot 1930 zijn parochie bestiert.

De Oijenaren lopen allen uit bij zijn gouden priesterfeest in 1928, waarbij hij voor zijn verdiensten een Koninklijke Ridderorde krijgt opgespeld. Na 61 priesterjaren is het mooi geweest en gaat hij met emeritaat. Hij sterft in 1942 bij de zusters in het Sint-Josefgesticht in Oijen.

Als eerste daad in Oijen, om de parochianen uit de plaatselijke herberg te houden, zet de ondernemende pastoor een tent neer waar voortaan vergaderingen gehouden worden. Hij begint daarna al snel met de bouw van een nieuwe, grote pastorie, die hij in 1908 betrekt. Het in 1894 gebouwde Liefdegesticht is tot 1950 eigendom van het Oijense kerkbestuur. De pastoor bouwt en verbouwt er naar hartelust aan.

De kapel wordt vergroot, hij bouwt een vleugel voor de verpleging van zwakzinnige jongens, er komt een nieuwe boerderij bij het klooster, inclusief schuren en gereedschapsbergplaatsen. Felet zorgt dat het klooster waterleiding krijgt. Daar houdt zijn expansiedrift echter niet op.

Hij bouwt een naaischool, waar meisjes, behalve in taal en rekenen, onderwezen worden in het naaien van nuttige huishoudelijke zaken als lakens en schorten. En natuurlijk krijgen ze godsdienstonderwijs!

De oprichting van de Noordbrabantse Boerenbond wordt door pastoor Felet met goedkeuring ontvangen en daarom krijgt Oijen al in 1901 een eigen Boerenleenbank. Weliswaar nog bij de kassier aan huis, maar de inleggers ontvangen wél een hogere rente dan ze van de Rijkspostspaarbank krijgen.

Pastoor Felet is ook erg begaan met het materiële lot van zijn parochianen. Hij ziet dat er in het dorp grote armoede heerst als gevolg van de voortdurende overstromingen van de Bergse Maas. Daarom zet hij als werkverschaffingsproject een mandenmakerij op.

Met regelmaat bestookt hij politiek Den Haag om het lot van de streek te verbeteren. Rond 1930 wordt de Maasbocht bij Oijen afgesneden, waardoor de landbouw betere kansen krijgt. Ook dit werk wordt als werkverschaffingsproject uitgevoerd.

   

Als de pastoor iets niet zint (en dat gebeurt regelmatig), verschijnen zijn ingezonden brieven in de krant. Die gaan over onderwerpen op velerlei gebied: de zedenverwildering, het openbaar zwemmen, de belastingen, alles gelardeerd met aanvallen op andersdenkenden telkens wanneer in zijn ogen de positie van het Katholieke geloof in het geding komt.

Deel dit verhaal op:
  • Pinterest
  • Tumblr
  • Toevoegen als favoriet
  • Afdrukken

Reacties (2)

albert felet zei op 15 december 2011 om 12:34 uur


als familielid van deze geweldige man ben ik heel blij met dit artikel.


albert felet




Henk Buijks bhic zei op 16 december 2011 om 09:44 uur

Hebben jullie in de familie nog meer verhalen over Felet? Bekijk maar eens of er iets bij is dat interessant is voor dit forum.

Reageer op dit verhaal

Heb je al een account? Log in met je gegevens.

Heb je nog geen account? Plaats zonder inloggen, of Registreer een account

Help spam voorkomen en los de volgende som op: