i

Dit verhaal gaat over:

Locatie: Escharen
Tags:

De grote overstroming van 1820

vertelde op 2 november 2009 om 10:44 uur

De Maas is eeuwenlang een onvoorspelbare rivier geweest voor de bewoners langs zijn oevers. Aan overstromingen was men wel gewend. Maar soms was het overstromingsgevaar wel heel ernstig, zo niet levensbedreigend. In januari 1820 deed zich zo’n buitengewoon ernstige situatie voor, vooral vanwege enorme hoeveelheden kruiend ijs.

detail van overzichtskaart watersnoodHet water had al in december heel hoog gestaan, tot op 60 centimeter onder de dijkkruin bij Grave. Daarna zakte het water een beetje, maar de rivier bevroor in de weken daarna geheel en al. Snelle dooi op 21 januari maakte dat het ijs, dat inmiddels al zo’n 25 centimeter dik was, op drift begon te raken.

Op 23 januari begon de Beerse Maas over de zomerdijken te stromen. De inwoners moesten in allerijl hun vee naar de voorstellingen, dat zijn hoger gelegen plaatsen, brengen. Deze “voorstellingen” waren in 1799 aangelegd naar aanleiding van het toenmalige abnormaal hoge waterpeil. Nog diezelfde middag van de 23e bezweek de Maasdijk in de buurt van de Gasselse molen. Het water stroomde de polder binnen. De ijsschotsen dreven mee en veroorzaakten overal aanzienlijke schade.  In de dijken van Escharen en Gassel vielen vier grote en een aantal kleinere doorbraken, in totaal dertien gaten.

De bewoners van Escharen kregen het nu heel benauwd. De meeste huizen kwamen tot aan het dak in het water te staan. De mensen vluchtten de zolders en de daken op. De voorstellingen, waarop het vee naar men dacht in veiligheid was gebracht, bezweken onder de druk van het water en het gebeuk van het ijs. Machteloos moest men toezien hoe de dieren verdronken. Het vee dat in de huizen in hoger gelegen kamers was ondergebracht stond tot aan hun buik in het water. Van tijd tot tijd voorzag men de dieren van voer.

De burgemeester en onderburgemeester hadden met hun gezin hun toevlucht gezocht bij Huis De Alendonk, het hoogste punt van de omgeving. Daar bevonden zich inmiddels ook al vijftig andere mensen met hun vee. Maar ook hier verdronk veel vee door het almaar stijgende water. De mensen hebben het er uiteindelijk allemaal levend afgebracht. Maar de schade voor de inwoners was enorm. De landbouw was hun enige bron van inkomsten en de landerijen waren door het hoge water voorlopig niet te bewerken, om nog maar te zwijgen van het verlies aan vee.

Hetzelfde jaar nog verscheen het boek Beschrijving van den Nederlandschen watersnood, uitgegeven, zoals op het titelblad staat vermeld, “ten voordeele der Ongelukkigen”. Het boek was bedoeld als opwekking om de slachtoffers van de watersnood te ondersteunen. Met dichtregels als

“Bataven, dierbre landgenooten!

Nooit houdt ge uw’ schatkist toegeslooten:

waar ooit de nood om redding schreit,

daar wil uw hand de tranen drogen”

en

“loeit de orkaan, of bruisen golven,

wordt veld en have en erf bedolven

door ijsgebergte of wellend zand”

werd het volk opgeroepen te geven met gulle hand. De beschrijvingen van het natuurgeweld en de ellende die dat in grote delen van het land had teweeggebracht, moesten de rest doen.

het gehele overstromingsgebied

Over Gassel en Escharen meldt het boek: “Vier doorbraken, behalve nog een aantal mindere gaten, maakten den toestand hoogst ongelukkig. Slechts weinige huizen werden van eene gansche overstrooming bevrijd. Vele gebouwen storteden in, en het aantal van verdronken vee zoude niet minder dan 69 stuks runderen, 58 schapen en 3 paarden hebben bedragen.”

Deel dit verhaal op:
  • Pinterest
  • Tumblr
  • Toevoegen als favoriet
  • Afdrukken

Reageer op dit verhaal

Heb je al een account? Log in met je gegevens.

Heb je nog geen account? Plaats zonder inloggen, of Registreer een account

Help spam voorkomen en los de volgende som op:

Lees ook deze verhalen

vertelde op 15 december 2009 om 10:52 uur

Aardbeving in de nacht

vertelde op 24 februari 2010 om 10:47 uur

De watersnood van 1880

vertelde op 29 juni 2009 om 15:16 uur

De Maas