i

Dit verhaal gaat over:

Locatie: Udenhout
Periode: 1955 - 1956
Tags:

Gevaarlijk werk en hete klussen

vertelde op 12 december 2017 om 09:36 uur

De mooiste tijd op de steenfabriek was in de zomer, als de stenen met de buitenpers werden gemaakt. Dat was vrijheid en gezelligheid. De menger van de buitenpers lag hier op gelijke hoogte met de vloer, en de locomotief duwde de karren met leem tot aan de hal. De eerste karren werden vervolgens met de hand naar de menger geduwd en gekipt.

Foto: Collectie Stichting Heemcentrum 't SchoorVia een wissel werden ze dan op een andere lijn weer klaargezet voor de leemputten. Als de karren te ver van de hal stonden, moest een paard de karren optrekken. Dat werd dan met de handklippel aan de tweede kar gehaakt, het paard trok op en net voor de hal werd het paard dan weer afgekoppeld terwijl de karren met leem dan zo naar de menger rolden.

Op een dag, het was net na de pauze, zou een jonge voerman dit klusje wel even klaren. Maar in plaats van aan de zijkant maakte hij het paard aan de voorkant van de kar vast en liet het zo de hal in lopen. Met als gevolg dat het paard over de leem en de ijzeren biels uitgleed en met vier voeten in de draaiende menger belandde. Ploegbaas Willem van Oers zag het gebeuren, aarzelde geen ogenblik, sprong op het paard (nadat de menger afgezet was), trok het paard zijn neus omhoog, snee het de keel door en hielp hem zo uit zijn lijden.

Paarden werden ook ingezet voor het transsport van de stenen naar de hutten waar ze in de zon gedroogd werden en vandaar weer naar de oven. Als de ovenkamers vol waren, werden ze dichtgemetseld met leem, anders kregen ze valse trek. Soms gebeurde het dat de klok bovenop de kamer niet goed afsloot op de ring waarin hij viel. Die klok had een conische vorm en hing ondersteboven. Als hij vernieuwd moest worden, was dat geen klusje waar wij, de mensen van werkplaats om zaten te springen.

Dit eigenlijk onmenselijke karwei deden we met vier mensen in ploegjes van twee. We hadden dan drie lagen kleding aan, twee paar sokken, een soort bivakmuts met een natte sjaal om je hoofd, klompen die een paar uur in het water gelegen hadden en asbesthandschoenen. Dan  een nat touw om je middel, zodat ze je eruit konden trekken als het nodig was.

Beneden in het rookkanaal was het zo heet dat de houten ladder en je klompen begonnen te schroeien, maar die ovale ring moest er kost wat kost uitgehakt worden. Je bloed gonsde door je lichaam en als je niets aangaf (je had geen benul van tijd) dan werd je aan je touw getrokken en moest je naar boven komen. Je klompen en de ladder werden direct in het water gegooid, want door de zuurstof begonnen ze te branden.

Terwijl je je uitkleedde en flink wat water naar binnen werkte, ging de volgende ploeg naar beneden en zo wisselde je elkaar af tot het klaar was en er weer een nieuwe ring in de leem lag, die weer vast ging zitten als de leem om de ring gebakken was. We deden dit alleen ’s nachts, omdat het dan het koelst was.

Maar dat we die klotige rotcenten zo moesten verdienen, dat wisten ze thuis niet. Daar werd niet over gesproken!

Deel dit verhaal op:
  • Pinterest
  • Tumblr
  • Toevoegen als favoriet
  • Afdrukken

Reacties (3)

Lisette Kuijper
Lisette Kuijper bhic zei op 13 december 2017 om 10:46 uur

Bedankt voor je indrukwekkend en levendig geschreven verhaal, Gerard! Wat een pech heeft dat paard gehad, maar gelukkig is het dier snel uit zijn lijden verlost door jullie ploegbaas.

Het werk moet ongekend zwaar zijn geweest voor jullie. De tegenwoordige vakkenvullers, schoonmakers en caissières kunnen zich er vast geen voorstelling meer van maken! Op welke leeftijd heb je deze zware arbeid verricht en had je veel last van lichamelijke klachten als gevolg hiervan of viel dat mee? Bedankt voor het delen van jouw herinneringen!

Rini de Groot. zei op 13 december 2017 om 20:11 uur

Gerard wat een interessant verhaal, wanneer bij ons -Philips Keramiek Uden- een wagen in de tunneloven vastliep betrad met die gekleed in zwembroek.
Ik geloof dat men het langer volhoud gekleed dan ongekleed.
De kennis die ik daar opdeed kan ik nu gebruiken bij de hout gestookte overslaande vlamoven van de Middeleeuwen in het Pre-Historisch Museum Eindhoven.
Bij hoge temperaturen, zoals IJzer winnen in de Prehistorie smeren we onze armen in met een leemlaag.
Met jou verhalen lezen we dat je normaal nergens hoort, jaren terug hadden we in het najaar opendagen bij bedrijven, ik verplaatste in 2 dagen van het ene naar het andere bedrijf.
Ga door met schrijven !!

Lisette Kuijper
Lisette Kuijper bhic zei op 14 december 2017 om 11:23 uur

Wat fijn dat we dankzij jullie als ervaringsdeskundigen nooit zullen vergeten hoe zwaar het werken was in de (steen)industrie. Mooi dat deze kennis nu nog van pas komt bij het museum en bij bedrijven, Rini. Allebei ontzettend bedankt voor het delen van jullie herinneringen en ga inderdaad vooral zo door!

Reageer op dit verhaal

Heb je al een account? Log in met je gegevens.

Heb je nog geen account? Plaats zonder inloggen, of Registreer een account

Help spam voorkomen en los de volgende som op: