i

Dit verhaal gaat over:

Periode: 1968 - nu
Tags:

Normalisatie en natuurontwikkeling

vertelde op 6 juli 2009 om 12:02 uur

Op het Belgische traject van de Mark is de stroom nog een echt kronkelende beek tussen hoge, transparante populierenbosjes, zompige weilandjes en verspreide bebouwing. Zodra de Mark Nederland binnenstroomt verandert de beek op dit moment nog in een soort kanaal dat in flauwe bochten door een betrekkelijk open modern agrarisch landschap voert.

Dat is het resultaat van ontwikkelingen die in 1968 begonnen, toen men startte met de ‘normalisering’ van de rivier: bochten werden afgesneden, de rivier werd aanzienlijk verbreed en uitgediept en er werden stuwen gebouwd. Dat was allemaal bedoeld om wateroverlast als gevolg van overvloedige regenval te voorkomen.

Vóór de kanalisatie van de Bovenmark stond het Markdal in de winterperiode vrijwel elk jaar bij hoge afvoeren voor meer dan de helft onder water. Vanuit die waterhuishoudkundige problematiek, maar ook om landbouwkundige redenen, is de Bovenmark aan het eind van de jaren zestig dus gekanaliseerd. Vanaf de Nederlandse grens tot bij Breda zijn ongeveer twintig meanders afgesneden. Slechts vier oude meanders zijn gespaard gebleven: bij Heerstaaien, bij Daasdonk, tegenover de Klokkenberg en bij Bieberg. Aan deze oude meanders is nog goed te zien hoe de situatie vóór 1968 is geweest.

Het begin van de 21e eeuw laat een andere aanpak zien: het Markdal vanaf de rijksgrens tot aan Breda is aangewezen als natuurontwikkelingsgebied. Het Landinrichtingsproject Ulvenhout-Galder formuleert een aantal plannen om de natuur en het beekdallandschap in het Markdal ingrijpend te herstellen. De beek mag weer gaan kronkelen, dus wordt een groot aantal oude meanders hersteld. Delen van het beekdal worden afgegraven, zodat de beek flinke stukken weer onder water kan zetten, waardoor erosie en afzettingen weer een kans krijgen.

Het idee is dat er riet- en zeggemoerassen ontstaan op plaatsen die regelmatig onder water komen te staan en het water niet makkelijk meer wegstroomt. Moerasbosjes en natte ruigten komen spontaan tot ontwikkeling. Een groot deel van het dal van de Bovenmark zal een natuurlijk karakter krijgen. Een halfopen, moerassig landschap, waar alleen op de wat hogere, droogvallende delen een meer open, grazige vegetatie zal ontstaan. Dat proces wordt nog versterkt door de inzet van grote en kleine grazers.

Ten oosten van Galder heeft Natuurmonumenten al een deel van deze maatregelen laten uitvoeren. De vereniging zal het Markdal ten zuiden van de rijksweg A58 beheren, terwijl Staatsbosbeheer het Markdal ten noorden van de rijksweg beheert, in aansluiting op de eigendommen die Staatsbosbeheer al in het Mastbos en het Ulvenhoutse Bos heeft.

Naast de natuur blijft ook de (historische) invloed van de mens in het landschap zichtbaar. In de buurt van de bebouwing van Ulvenhout en Breda wordt een betrekkelijk open, maar kleinschalig beekdallandschap hersteld: een kronkelige beek, smalle graslandpercelen en hooilanden, hier en daar wat elzenbosjes en houtwalletjes. Het uitzicht op Kasteel Bouvigne en de oude dorpskernen van Ulvenhout en Ginneken moet bewaard blijven. Daarnaast heeft De Mark nog een belangrijke recreatieve functie, met name voor de sportvisserij en de kanovaart.

Deel dit verhaal op:
  • Pinterest
  • Tumblr
  • Toevoegen als favoriet
  • Afdrukken

Reageer op dit verhaal

Heb je al een account? Log in met je gegevens.

Heb je nog geen account? Plaats zonder inloggen, of Registreer een account

Help spam voorkomen en los de volgende som op:

Lees ook deze verhalen

vertelde op 30 juni 2009 om 10:53 uur

Mark en Dintel