i

Dit verhaal gaat over:

Locatie: Oss
Tags:

Oss volgens de taxateur van het Kadaster

vertelde op 24 mei 2009 om 16:26 uur

Hoe kijkt een taxateur van het Kadaster naar een dorp of stad? Is dat met de begerige ogen van de politicus die zoveel mogelijk belastingopbrengsten gerealiseerd wil zien, of is dat met de ogen van de professional die een zo rechtvaardig mogelijke schatting wil maken zodat niemand iets te kort komt (of teveel betaalt)?

Oordeel zelf: tussen 1825 en 1831 trok er onder verantwoordelijkheid van de Gouverneur een flink aantal taxateurs of schattersdoor de hele provincie om alle gebouwde en ongebouwde eigendommen van een waardering te voorzien ten behoeve van de nieuwe grondbelasting die de regering wilde gaan instellen. Het vaststellen van de belastbare opbrengst was logischerwijze een van de meest heikele onderdelen van het hele kadaster- en belastingplan.

De taxateurs begonnen met het maken van een beschrijving van iedere gemeente. Zie hier wat ze over Oss te melden hadden in hun Tabel van klassificatie der grond-eigendommen

Algemeen

Ligging

De gemeente Oss is de hoofdplaats van het kanton van die naam. Oss ligt ongeveer 23 mijl ten noord oosten van 's Hertogenbosch.

Aangrenzende gemeenten

De gemeente grenst ten noorden aan Megen en Ooijen, ten oosten aan Berchem, ten zuiden aan Nistelrode en Heesch en ten westen aan Geffen en Lithoyen. De drie eerste gemeenten behoren tot het kanton Ravenstein, de overigen tot dat van Oss.Rivieren, beken en waterlopen“Geene bevaarbare rivier besproeit deze gemeente”, maar de Maas is slechts vijf mijl verderop. Er is een goed onderhouden grindweg naar de rivier, waardoor het transport van producten naar de verschillende noordelijke marktplaatsen minder kostbaar is geworden, en de handel en landbouw wordt bevorderd.

Er stromen enkele beken en waterlopen in verschillende richtingen door het grondgebied van Oss, die het overtollige regen- en smeltwater van de hoger gelegen gronden afvoeren. De uitwateringsvliet van de polder leidt het water van de polderlanden naar de sluis, als de rivier een bepaalde lage waterstand heeft.

Doorgaande wegen en buurtwegen

De grote weg van Den Bosch naar Nijmegen loopt een stukje over het onbebouwde gedeelte van het grondgebied van deze gemeente. Ofschoon dat 5 mijl van de kom van het dorp verwijderd is, leidt dat toch tot een goede verbinding met de overige delen van het Rijk, temeer daar alle buurtwegen en andere aanvoerwegen goed onderhouden en bijna altijd in bruikbare staat zijn.

Dijken en waterkerende werken

Een deel van Oss ligt in de Polders van Oss. Slechts enkele kaden scheiden deze polders van de daarboven liggende polders. Deze kaden moeten het overtollig smelt- en regenwater kunnen tegenhouden, zonder het verloop van de Beerse Maas te hinderen. Deze landen dienen immers als overlaatgebied. Overigens worden alle werken voor de waterkering, evenals de uitwateringsluis bij Alem, goed onderhouden; de polders hebben een erkend bestuur dat daarover het oppertoezicht onder deze gemeente uitoefent.

Bodemreliëf

De hoger gelegen landen zijn nogal vlak, terwijl de polderlanden min of meer afhellen. Naarmate men verder van de Maas af raakt, worden de gronden daar ook lager, waardoor ze minder als weiland en meer als hooiland geschikt zijn.

Vruchtbaarheid van de grond

Het akkerland dat uit zandgrond bestaat en de wei- en hooilanden uit klei, zijn over het algemeen van goede kwaliteit; zij worden in kleine hoeveelheden verhuurd en vrij zorgvuldig, vaak in gemiddelde tot grote oppervlakten bebouwd.

De weilanden zijn door hun lage ligging het meest voor dit gebruik geschikt: ze worden door de regelmatige overstroming van de Beersche Maas voldoende vet, zodat ze zonder andere meststoffen gebruikt kunnen worden. De lagere binnengroeslanden (=begroeid met jong groen) worden gewoonlijk gehooid, maar de opbrengst daarvan is niet voldoende voor handel binnen de gemeente. Dat gebrek wordt door de nabij gelegen Maaskantse dorpen aangevuld.

Er is weinige schaarbos (= hakhout, bos dat van tijd tot tijd gekapt wordt) en nog minder dennenbos. Dit soort bos maakt samen slechts 1/35 deel uit van de belastbare oppervlakte van de gemeente.

De ongeveer 282 bunders (= hectare) heide zijn voor het merendeel buitengewoon slecht, en zelfs ongeschikt om ooit met enige kans op succes ontgonnen te kunnen worden.

Landbouwproducten

De landbouwproducten zijn rogge, gerst, haver, boekweit, aardappelen, vlas, (kool)zaad, veevoeder, klaver, hooi, hout, boomvruchten en groenten. Vlas en koolzaad worden in zulke kleine hoeveelheden geteeld, dat ze eigenlijk de moeite van het noemen niet waard zijn.

Er worden in deze gemeente slechts weinig paarden gefokt, die bovendien alleen voor de landbouw geschikt zijn. Het hoornvee, tamelijk schoon, is voldoende voor de behoefte; ook vindt men er enkele kudden schapen van inheems ras, die ‘s zomers langs wegen, heiden en velden grazen en daar hun kostje vinden.

Nijverheid

De voornaamste tak van nijverheid voor de inwoners is de landbouw, onlosmakelijk verbonden met veehouderij. Een wekelijkse markt van allerlei soorten granen en zeven zeer belangrijke jaarmarkten van vee enz. doen veel voor de bevordering van handel en nijverheid van de bewoners in de kom van het dorp, die zich specialiseren in allerlei nering, waarin ze, door de drukte die deze markten met zich meebrengen, redelijk goed in hun onderhoud kunnen voorzien.

Structuur van de gemeente

Deze gemeente bestaat uit de bebouwde kom ofwel de hoofdplaats, die aaneengesloten is gebouwd, een gehucht dat het Osser Schayk heet, en uit hier en daar verspreide boeren- en arbeiderswoningen.

Huizen en gebouwen

In de kom staan enkele goed gebouwde particuliere woningen en neringdoende huizen, die over het algemeen goed onderhouden zijn; ook in de buurt van het dorp vindt men huizen die om die reden aandacht verdienen: ze zijn ruim en geriefelijk ingericht. Maar in het gehucht en verder verspreid staan alleen maar boeren- en arbeiderswoningen, die eigenlijk maar matig voor hun bedrijvigheid zijn ingericht.

Voor de indeling van de belasting zijn de eerste vier klassen dan ook alleen samengesteld uit ruime, geriefelijk ingerichte en goed onderhouden particuliere woningen en de beste neringdoende huizen in of nabij de kom, gedeeltelijk met verdiepingen en bijbehorende gebouwen; de zes daarop volgende klassen zijn de op goede stand gelegen herbergen en neringdoende huizen in of nabij de kom; in de klasse 11 tot 14  vallen enkele afgelegen tapperswoningen, de meeste landbouwerijen, kleine neringdoende huizen en de woningen van werkende lieden in de kom. In de laatste klasse vinden we de kleine woningen van landbouwers, arbeiders en dagloners.

Bovendien staan er in deze gemeente 1 houten windgraanmolen, 1 stenen windgraan- en pelmolen, 1 rosgraanmolen, 3 rosoliemolens, 2 rosgrutmolens, 3 bierbrouwerijen, 5 leerlooierijen, 1 hoedenfabriek en 1 pakhuis, 1 kerk, 649 woonhuizen waarvan 160 in de kom en 20 in het gehucht. Tenslotte telt men er 3.660 inwoners.

Ongebouwde eigendommen

Landbouwgronden

De landbouwgronden zijn in 5 klassen verdeeld.

De 1e klasse is een vruchtbare bruinachtige zandgrond met een diepte van 40 cm die op een bruine, gele of witte, waterdoorlatende zandgrond ligt. Deze gronden liggen dicht bij de dorpen en zijn met een jaarlijkse bemesting geschikt om zowel zomer- als wintergewassen voort te brengen. Geschat op ƒ 38,-.

De 2e klasse ligt verder van de woningen af en heeft 35 cm vruchtbare grond. Deze gronden geven met dezelfde behandeling iets lagere oogstopbrengsten. Tot dezelfde klasse horen de zware zandgronden die weinig mest nodig hebben, maar nabij de polder liggen en vaak last hebben van het water van de Beerse Maas. Daardoor brengen deze gronden geen winteroogsten voort. Geschat op ƒ 30,-.

Tot de 3e klasse horen twee grondsoorten: een lichte, grijze, hooggelegen zandgrond ter diepte van 30 cm op een waterdoorlatende zandbodem, die in droge zomers geen water vasthoudt;  en een laag gelegen, zwartgrijze zandgrond ter diepte van 30 cm op een vaste ondergrond, waardoor de wortels van de gewassen in natte zomers kwijnen en verstikken. Beide grondsoorten zijn geschikt voor rogge, haver, boekweit, klaver en aardappelen. Geschat op ƒ 21,-.

De 4e klasse heeft te hoog of te laag liggende, schrale zandgrond met een diepte van 20 tot 25 cm op te lichte zandgrond ofwel op te vaste grond. Zelfs met zware bemesting is de oogst van rogge, boekweit, spurrie en aardappelen gering. Geschat op ƒ 10,-.

De 5e klasse heeft lage, vochtige, onvruchtbare grond of heigrond. De gronden zijn de onkosten van verbouwing niet waard. Geschat op ƒ 3,-.

Tuinen

De tuinen liggen bij de woningen en zijn meestal met heggen omgeven.

De 1e klasse ligt op goede locaties dicht bij het centrum en er worden met zorg met allerlei soorten groenten geteeld, die de eigenaar zelf gebruikt. Enkele tuinen hebben goedgroeiende fruitbomen. Geschat op ƒ 50,-.

In de 2e klasse, op minder goede grond, worden grove groenten zoals aardappels en wortelen geteeld die de boeren zelf gebruiken. Er zijn weinig fruitbomen. Geschat op ƒ 38,-.

Boomgaarden

De boomgaarden zijn evenals de tuinen meestal met heggen omgeven en liggen bij de woningen. Ze zijn beplant met gewone appel-, peren-, kersen- en pruimenbomen, terwijl de grond onder de bomen bestaat uit weidegras of grove groenten.

De 1e klasse ligt op goede locaties en heeft goedgroeiende fruitbomen. Door de opbrengst van de bomen en de tussencultuur is de waarde even hoog geschat als de 1e klasse van de tuinen op ƒ 50,-.

De 2e klasse ligt op mindere grond met slechter groeiende bomen, die de eigenaar weinig opleveren. Geschat op ƒ 38,-.

Hooilanden

De hooilanden bestaan uit vrij zware klei en liggen in de polder langs of nabij de uitwateringsvliet, waar ze door de Beerse Maas overstroomd en gemest worden. Ze brengen goed hooi en nagras op en worden in 4 klassen ingedeeld.

De 1e klasse ligt tamelijk hoog en levert in gewone jaren goede overvloedige oogsten op en prima naweide. Geschat per bunder op ƒ 30,-.

De 2e klasse ligt iets lager en wordt daarom eerder en later overstroomd, maar brengt redelijk goed en enigszins grof hooi en nagras op. Geschat op ƒ 22,-.

De 3e klasse ligt nog lager dan de vorige en levert in droge zomers wel veel, maar grof, liezig hooi op en een onzekere naweide. Geschat op ƒ 15,-.

De 4e klasse ligt te laag om zeker te zijn van de oogst en brengt liezig hooi zonder naweide op. Geschat op ƒ 9,-.

Weilanden

De weilanden liggen bijna allemaal in de polder en worden door de overstromingen van de Beerse Maas gemest. Ze zijn verdeeld in 5 klassen.

De 1e klasse is een zeer vruchtbare, tamelijk hoog gelegen kleigrond, die zonder bemesting goed en overvloedig gras oplevert. In gunstige jaargetijden wordt er haver ingezaaid, met een goede oogst. Per bunder geschat op ƒ 30,-.

De 2e klasse bestaat uit redelijk goede weigronden, die echter iets te laag liggen om vroeg en laat in het seizoen gebruikt te kunnen worden, ofwel iets te hoog en zanderig om overvloedig gras op te leveren. Geschat op ƒ 22,-.

De 3e klasse zijn de lage, zure weigronden met veel onkruid, ofwel de weinig gras opleverende, hoge, schrale weigronden. Verder de beste afgegraven gemeenschappelijke weilanden, die voedzaam gras met biezen geven. Geschat op ƒ 10,-.

De 4e klasse zijn zeer schrale of zeer lage, zure, afgegraven weilanden en de matig gras gevende gemeenschappelijke weiden. Geschat op ƒ 7,-.

De 5e klasse zijn de slechte, heigrondachtige weilanden die weinig gras opleveren, en verder de gemeenschappelijke weiden waarop hier en daar de heideplant wordt aangetroffen. Geschat op ƒ 3,-.

Hakhoutbosjes

De hakhoutbosjes hebben geen opgaande bomen en zijn veelal aangeplant met eikenstruiken op de daartoe geschikte gronden. Ze worden om de 5 jaren of vaker afgehakt.

De 1e klasse is met goed groeiende eiken- of elzenstruiken begroeid, die elke 5 jaren gehakt worden. Geschat per bunder op ƒ 14,-.

De 2e klasse heeft slechter groeiende eiken of elzen, die dunner beplant zijn en om de 6 jaren gehakt worden. Geschat op ƒ 8,-.

De 3e klasse zijn de jonge eikenhakhoutbosjes, die op dorre heidegrienden aangeplant zijn en weinig opbrengsten beloven. Geschat op ƒ 3,-.

Dennenbosjes

De mastbosjes zijn alleen op heide aangeplant.

De 1e klasse zijn de tamelijk goed groeiende dennen op goede heidegronden Geschat op ƒ 10,-.

De 2e klasse zijn de jonge dennenbossen op dorre heidegronden, die zeer weinig opbrengsten beloven en waarvan de opbrengst van de opschietende heide evenveel opbrengt als het dennenhout. Geschat op ƒ 2,-.

Heide en woeste gronden

De 1e klasse bestaat uit de particuliere heiden die van tijd tot tijd geplagd kunnen worden en voor strooisel of brandstof gebruikt. Geschat op ƒ 15,-.

De 2e klasse bestaat uit de dorre gemeenschappelijke heiden en zandbergen, die niets opleveren, maar wel geschikt zijn om ontgonnen te worden. Geschat op ƒ 0,25.

Waterkolken en moerassen

Waterkolken en diep uitgestoken gronden om de kaden en wegen op te hogen, met waardeloos riet aan de oevers. Geschat per bunder op ƒ 1,-.

Visserij

Het meer, een waterplas op de grens met Megen en Berchem, levert veel soorten riviervis op en is in particulier eigendom en beheer. Geschat in vergelijking met andere visserijen op ƒ 12,-.

Boomkwekerijen en eigendommen voor recreatie

Geschat als de eerste klasse landbouwgrond op ƒ 38,-.

Gebouwde eigendommen

Windgraanmolen

Er is een windgraanmolen in gebruik. De eigenaar is Adr. de Louw; deze molen, een houten standaardmolen, heeft twee koppels stenen die gelijktijdig zouden kunnen werken. De molen is goed onderhouden, staat gunstig ten opzichte van de wind, is voordelig gelegen en wordt geschat op ƒ 500,-

Windgraan- en pelmolen

Deze molen is in eigendom en gebruik bij de al genoemde Adr. de Louw. Hij is tamelijk recht in steen gebouwd, heeft twee koppels stenen die gelijktijdig zouden kunnen werken voor het malen van granen en twee stenen voor het pellen van gerst. Alles is goed onderhouden en voordelig gelegen en wordt geschat op ƒ 600,-.

Rosgraanmolen

Dit bedrijf behoort toe aan de eigenaar van de windmolens. Hij werkt er zelf, maar alleen bij aanhoudende windstilte. Het bedrijf is gevestigd in een klein, maar goed onderhouden gebouw. De molen heeft een koppel kleine maalstenen. Gezien het geringe belang van deze molen wordt hij geschat op ƒ 16,-.

Rosoliemolens

Er zijn drie rosoliemolens in gebruik, alledrie bediend door hun respectievelijke eigenaren. Vanwege de verschillen tussen de gebouwen, de inwendige constructie en de staat van onderhoud van de werktuigen hebben deze molens ieder een aparte taxatie gekregen.

Sectie A no 939 is een zeer ruim en goed onderhouden stenen gebouw, met twee werkbanken, twee koppelbijen, 2 loperstenen en 5 vijzels, die alle gelijktijdig kunnen werken en door twee paarden in beweging gebracht worden. Deze molen is geschat op ƒ 160,-.

Sectie C. no 30 is een minder ruim, maar goed onderhouden stenen lokaal, met 2 werkbanken, 2 koppelbijen en 2 paar loperstenen, die eveneens, door twee paarden aangedreven, gelijktijdig kunnen werken. Na aftrek van onderhoud is deze molen geschat op ƒ 110,-.

Sectie A 1054 is een niet ruim, maar nieuw gebouwd stenen gebouw, met een werkbank, 1 koppelbijen en 1 paar loperstenen, die door één paard in beweging gebracht worden. Wordt geschat op ƒ 80,-.

Rosgrutmolens

Er zijn twee rosgrutmolens, in gebruik bij hun eigenaren. Ze zijn gehuisvest in kleine, maar goed onderhouden stenen lokalen; ze verschillen onderling weinig en hebben allebei een koppel stenen voor het breken van de boekweit en een koppel voor het malen van grutten; ze worden elk geschat op ƒ 30,-.

Bierbrouwerijen

De drie aanwezige brouwerijen worden door hun eigenaren beheerd en gebruikt. Ze zijn alledrie hetzelfde. Voor de taxatie dient men zowel de ruimte, de constructie van de gebouwen en de werktuigen, als de geriefelijke inrichting en de staat van onderhoud van het geheel in het oog te houden.

Sectie A 863a is een ruim en goed ingericht stenen gebouw, met een roerkuip van 11.42, een ketel van 19.15 en twee koelbakken. Men brouwt daarin ongeveer 640 vaten goed bruin bier per jaar. Dat bier wordt meestal in de gemeente zelf geconsumeerd. Deze brouwerij wordt geschat op ƒ 70,-.

Sectie C 165 is een minder ruim, maar even goed onderhouden stenen gebouw met een roerkuip van 14.63, een ketel van 24 vaten, een koelbak en een mouterij voor eigen gerief. Men brouwt daarin circa 350 vaten goed bruin bier. Na aftrek van onderhoud wordt de ze brouwerij geschat op ƒ 60,-.

Sectie A no 880a is een bekrompen en slecht onderhouden stenen gebouw, met een roerkuip van 112.90, een ketel van 21 en een koelbak. Er worden daar jaarlijks 500 vaten goed bruin bier gemaakt. De brouwerij wordt geschat op ƒ 40,-.

Leerlooierijen

Er zijn vijf leerlooierijen die allemaal bij hun eigenaren in gebruik zijn. Ze hebben bij de taxatie vier verschillende schattingen gekregen.

Sectie A 880a is een klein stenen gebouw met een werkplaats, 1 laaf, 5 looikuipen, 2 kalkputten, zuiver geschat op ƒ 36,-.

Sectie A 804a en A 1041a zijn looierijen, elk met 1 klein houten lokaal, 3 looikuipen en 1 kalkput, die ieder afzonderlijk op ƒ 20,- worden geschat.

Sectie C 212 is een zeer klein gebouw met 1 looi- en laafkuip in de open lucht, zuiver geschat op ƒ 12,-.

Sectie A 601a heeft een looikuip in de open lucht; geschat op ƒ 8,-.

Hoedenfabriek

De hoedenfabriek, sectie A 953, wordt door de eigenaar P. van Veghel gedreven in een zeer klein stenen gebouw, waarin slechts een eenvoudige werkbank en verder materieel aanwezig is. De fabriek wordt geschat op ƒ 12.

Pakhuis

Een pakhuis voor de opslag van koopmansgoederen, sectie C 15, is in overeenstemming met de ruimte van het gebouw en de staat van onderhoud, na aftrek van eenderde voor herstel en verval getaxeerd op ƒ 24,-.

Kerk

Een klein stenen gebouw dat aan een particulier gebouw grenst, in eigendom en in gebruik en ingericht als kerk voor de Israëlitische Gemeente. Geschat op ƒ 12,-.

Woonhuizen

De opmerkelijke verschillen in deze gemeente tussen de verschillende particuliere woningen, bedrijfsmatige en andere huizen, boerderijen en arbeiderswoningen, zowel in het centrum als elders in de jurisdictie, maken een verdeling in 18 categorieën nodig.

De huizen worden meestal door de eigenaren zelf bewoond of, met alle toebehoren, verhuurd als landbouwbedrijf. Dat gebeurt meestal onder mondelinge voorwaarden, geheime overeenkomsten of ongeloofwaardige verbintenissen, die niet gebruikt kunnen worden bij de schatting. Door deze onnauwkeurigheid, het niet overeenstemmen van de informatie en het geringe aantal verhuurde huizen waarover geen twijfel bestaat, heeft men de informatie slechts als inlichting aangenomen en de woonhuizen over het algemeen onderverdeeld volgens de toegekende huurwaarde, rekening houdend met de min of meer ruime, regelmatige en geriefelijke inrichting, de voordelige of nadelige ligging, en de staat van onderhoud.

Tot de drie eerste categorieën horen ruime, goed onderhouden en goed ingerichte particuliere huizen in en nabij het centrum, deels met een verdieping en bijgebouwen.

Voorbeeld van een representatief huis voor de 1e klasse, waar één woning toe behoort, is het huis wijk D no. 4 van eigenaar Knokke van der Meulen, huurwaarde geschat op ƒ 225,-.

Voorbeeld van een representatief huis voor de 2e klasse, met één woning, is het huis wijk D no. 61 van Floris Karlibus, huurwaarde geschat op ƒ. 165,-.

Representatief huis voor de 3e klasse, met één woning, is wijk D no. 41 van Gijsbert van Roermond, huurwaarde geschat op ƒ 150,-.

De drie volgende klassen zijn de minder ruime particuliere huizen, de beste herbergen en de andere neringdoende woningen, sommige met verdieping en kleine bijgebouwen, maar allemaal in of nabij het centrum gelegen.

Representatief voor de 4e klasse, waaronder twee woningen vallen, is wijk D no. 7 van Frans Adrianus Boeracker, huurwaarde ƒ135,-.

Representatief voor de 5e klasse, met één woning, is wijk D no.12 van Peter de Croes, huurwaarde ƒ 120,-.

Representatief voor de 6e klasse, met vier woningen, is wijk E no. 55 van Gerard Karel Dingemans, huurwaarde ƒ 105,-.

De 7e, 8e en 9e klassen bevatten de in of nabij het centrum gelegen tamelijk ruime neringdoende winkels en herbergen, alsook de niet ruime, maar goed onderhouden en comfortabele particuliere woningen.

Representatief voor de 7e klasse, waartoe negen woningen behoren, is wijk E no. 58 van Jan de Gester, huurwaarde ƒ 90,-.

Representatief voor de 8e klasse, met 10 woningen, is wijk D no. 3 van Johannes van Wel, huurwaarde ƒ 75,-.

Representatief voor de 9e klasse, met 16 woningen, is wijk H no. 1 van Nicolaas van Erp, huurwaarde ƒ 63,-.

Tot de drie opvolgende klassen horen de kleinere neringdoende winkels en andere huizen, de beste woningen van ambachtslieden, die in of nabij het centrum liggen, alsook de ruimste herbergen en boerderijen die verder afgelegen zijn.

Representatief voor de 10e klasse, waaronder 22 woningen vallen, zijn wijk F no. 27 van Francis van Erp en wijk D no. 1 van Johannis van Well, huurwaarde ƒ 54,-.

Representatief voor de 11e klasse, met 25 woningen, zijn wijk D no. 73 van Roelof Kohen, en wijk E no. 4 van Dirk van Esch, huurwaarde ƒ 45,-.

Representatief voor de 12e klasse, met 37 woningen, zijn wijk E no. 3 van Godefridus Peskens en wijk E no. 8 van Willem Vos, huurwaarde ƒ 36,-.

Tot de 13e, 14e en 15e categorieën horen de meeste boerderijen in de gehuchten en verspreid liggend.

Representatief voor de 13e klasse, met 60 woningen, zijn wijk H no. 25 van Gerard Otto van Boxtel en wijk D no. 78 van Arnold Broks, huurwaarde ƒ 27,-.

Representatief voor de 14e klasse, met 80 woningen, zijn wijk H no. 11 van Hendrik Hoeks en wijk D no. 58 van Andries van de Pas, huurwaarde ƒ 21,-.

Representatief voor de 15e klasse, met 129 woningen, zijn wijk B no. 2 van Nicolaas van Boxtel en wijk D no. 75 van Hermanus Hermans, huurwaarde ƒ 15,-.

Tot de drie laatste klassen behoren de kleine, verspreid door de gemeente staande arbeiders- en daglonerwoninkjes die veelal van hout en leem gebouwd zijn.

Representatief voor de 16e klasse, waartoe 101 woningen horen, zijn wijk G no. 28 van de kinderen Jan Schuurmans en wijk E no. 69 van de Armen van Oss, huurwaarde ƒ 9,-.

Representatief voor de 17e klasse, met 91 woningen, zijn wijk F no.12, van de wed. Johannes van Valkenburg en van Anton van Griensven, huurwaarde ƒ 6,-.

Representatief voor de 18e klasse, met 59 woningen, is de woning van Hendrik Jan Ruis, huurwaarde ƒ 3,-.

Gedaan en gesloten te Oss, 12 november 1831

De schatter

De hoofdcontroleur Kuijl

Deel dit verhaal op:
  • Pinterest
  • Tumblr
  • Toevoegen als favoriet
  • Afdrukken

Reageer op dit verhaal

Heb je al een account? Log in met je gegevens.

Heb je nog geen account? Plaats zonder inloggen, of Registreer een account

Help spam voorkomen en los de volgende som op: