i

Dit verhaal gaat over:

Locatie: Heesch
Tags:

Rekeningrijden in de 19e eeuw: de tolweg Oss-Heesch

vertelde op 8 december 2009 om 15:58 uur

Wegenbelasting, tolpoorten, rekeningrijden: het lijken de problemen van de hedendaagse automobilist. Maar ook in de negentiende eeuw was het niet altijd mogelijk jezelf gratis te verplaatsen. Tussen 1820 en 1836 liet de Rijksoverheid de weg van Den Bosch naar Grave verharden.

De "Graafse baan" werd een met kinderkopjes verharde route, die dus voortaan gedurende alle seizoenen kon worden bereden. De nieuwe rijksweg liep langs Heesch, en liet, zeer tot teleurstelling van Oss, die stad links liggen.

Dus was er Oss veel aan gelegen om de kortste verbinding met de rijksweg, de weg naar Heesch, te verbeteren. In die tijd was dat een zandweg, hopeloos dus in het natte seizoen. Beide gemeenten zochten elkaar op en in 1848 hadden ze een plan gereed: de 3.784 meter lange weg zou worden verhoogd en begrind. De kosten waren 13.950 gulden, waarvan de provincie 4.650 gulden zou bijdragen. Het overblijvende bedrag en de onderhoudskosten kwamen voor 2/3 voor rekening van Oss en voor 1/3 van Heesch.

Omdat deze bedragen zwaar drukten op de gemeentebegroting, werd besloten deze last af te wentelen op de gebruiker van de weg: tolheffing dus. Er kwamen twee tolhuizen: een onder Oss, op de plaats waar later de marechausse-kazerne zou komen, en een bij het kruispunt in Heesch. De opbrengsten zouden telkens twee jaar ten goede komen aan Oss en het derde jaar aan Heesch.

                         
  Het kruispunt in 1936 Dezelfde plek in december 2006

Overigens nam Oss in 1857 het onderhoud van de gehele weg inclusief beide tollen over van Heesch, dat blij was ervan af te zijn. In 1873 schafte de provincie alle tollen af.

Tarieven

De toltarievenlijst van 1848 geeft een mooie indruk van het soort verkeer dat toen passeerde: Fietsen waren er (nog) niet bij en voetgangers hoefden niet te betalen. De lijst begint met een bespannen of onbespannen ezel en een hondenkar, waarvoor 1 cent moet worden betaald. Ook een aangelijnd varken moet 1 cent opbrengen. Een gezadeld paard kost het dubbele en een tweewielige kar met paard 3 cent. Heeft de kar vier wielen, dan loopt het toltarief op tot 6 cent.

Deel dit verhaal op:
  • Pinterest
  • Tumblr
  • Toevoegen als favoriet
  • Afdrukken

Reacties (2)

Janus Clercx zei op 16 augustus 2016 om 20:54 uur

Ik zie daar café de viersprong van m,n ouders Ben Clercx en Grada van Ochten. Ik ben daar geboren in 1943 en eigenlijk gebleven tot einde jaren zestig .Iets voor het café zag je de smidse van Van Bon met winkel onze buren en aan de andere kant van de viersprong had je het postkantoor. En dan later te voet naar de school elke dag, tot aan de kerk, en zo toch nog vele oude anekdote,s

Hanneke van der Eerden
Hanneke van der Eerden bhic zei op 19 augustus 2016 om 09:33 uur

@Janus, dank je wel voor de aanvulling. En kom maar op met je anekdotes, we horen ze graag van je!

Reageer op dit verhaal

Heb je al een account? Log in met je gegevens.

Heb je nog geen account? Plaats zonder inloggen, of Registreer een account

Help spam voorkomen en los de volgende som op:

Lees ook deze verhalen

vertelde op 20 juni 2012 om 12:31 uur

Teruggevonden fietsplaatjes

vertelde op 11 december 2009 om 09:34 uur

Aan de rijksweg Den Bosch-Grave 1818-1836

vertelde op 13 februari 2009 om 11:43 uur

Draaiboompje