i

Dit verhaal gaat over:

Locatie: Heesbeen, Eethen en Genderen
Periode: 1943 - 1944
Tags:

Heesbeen en omgeving in oorlogstijd - deel 2

vertelde op 28 oktober 2019 om 13:06 uur

Tijdens de bezetting, ging de gewone gang van zaken ook verder in 't Hamelland. Er moest fruit geteeld worden. Maar naast alle bedrijvigheid was er ook nog ruimte om- met gevaar voor eigen leven- onderduikers op te vangen. Dit verhaal gaat over Heesbeen en omgeving in de oorlog tussen 1943 en 1944, zoals het werd beleefd door de bewoners van 't Hamelland.

De omzetting van landbouw naar fruitteelt vindt gedurende de bezetting geleidelijk plaats, vader is in januari 1942 geslaagd voor het examen van een cursus bij de ‘Fruitteeltschool’ in Geldermalsen.

Nieuwsblad 16-01-1942

In juni 1943 wordt de benedenverdieping van het woongedeelte van de leegstaande boerderij Het Slot verbouwd tot fruitbewaarplaats. Deze boerderij, herbouwd in 1840 na een brand, staat tegenover ’t Hamelland op de zuidelijke oever van het Oude Maasje. Op het terrein ten oosten van Het Slot liggen de fundamenten van het kasteeltje van Heesbeen, de laatste bewoner van dat kasteeltje was de ongehuwde Sophia Amalia Maria van Gent, Vrouwe van Heesbeen (1696 – 1764). De droge slotgracht van het kasteel werd bij de ruilverkaveling in de jaren 60 van de vorige eeuw zonder eerbied voor het cultureel erfgoed dichtgeschoven.

Kees junior met tractor in droge slotgracht 1958Vader werd door een functionaris van de Landstand gevraagd om de plaatselijke NSB boerenleider te worden, hij weigerde dat net zoals andere vooraanstaande boeren in Heesbeen en Doeveren.
Uiteindelijk werd in Doeveren iemand bereid gevonden om vertegenwoordiger van de Landstand te worden. Ik herinner me dat mijn vader hem na de oorlog ‘De Landstand’ noemde.

Huisarts Havelaar in 1939In het Land van Heusden en Altena werden in de oorlog veel onderduikers opgenomen, ook op ’t Hamelland verbleven onderduikers: Henriette Roosenburg (tante Jet voor de kinderen op ’t Hamelland), de kinderarts Smidt van Gelder uit Arnhem en zijn zoon Joan Smidt van Gelder worden  door vader genoemd in een bericht aan de Stichting 1940 - 1945. Joan Smidt van Gelder (1919 – 2014) was een zwager van de Heusdense huisarts Havelaar, de Havelaars waren vrienden van onze ouders.

Lied herinnert zich dat tante Jet twee nachten gelogeerd heeft op ’t Hamelland, na de tweede nacht was tante Jet ’s morgens verdwenen. Die dag werd er huiszoeking gedaan, Lied kwam uit school en zag dat er op ‘t Hamelland gewapende soldaten stonden bij de voordeur, achterdeur en de deur van de serre. Jet Roosenberg (1916-1972) werd in maart 1944 toch opgepakt, ze is ter dood veroordeeld en na Dolle Dinsdag is ze naar Duitsland overgebracht, in mei 1945 werd ze vrijgelaten.

Joan Smidt van Gelder 1950 te JavaJoan Smidt van Gelder was een kornet van de Huzaren die ondergedoken was nadat hij een hakenkruisvlag had weggenomen bij de Universiteit van Leiden. In Heesbeen werkte Joan als volwaardig knecht: ’s winters snoeide hij fruitbomen en zelfs was hij bedreven in het enten van appelbomen!

In 2013 herinnerde hij zich nog dat hij een veulen naar een molenaar ten zuiden van Vught heeft gebracht, bij die molenaar smulde hij van het heerlijke wittebrood. Joan werd begin 1944 opgepakt bij een razzia in de trein, hij is toen overgebracht naar kamp Vught en vandaar naar de gevangenis in Scheveningen (het ‘Oranje Hotel’). Zijn moeder is naar het Oranje Hotel gegaan om ervoor te pleiten dat hij als officier werd behandeld. Joan werd toen naar zijn oude kazerne in Amersfoort gestuurd, daar vandaan ging hij op transport naar Neubrandenburg, het krijgsgevangenkamp voor officieren. Hij verbleef van 23 maart 1944 tot 5 juni 1945 in Duitse krijgsgevangenschap.

In Heesbeen was ook een achterneef van vader, Mr. H.G. (Huib) van Everdingen (1913 – 1989) ondergedoken.

Met het joodse echtpaar Arthur en Martha Neuhaus - Davids die in 1942 in Heusden zijn ondergedoken in de woning van de gemeenteveldwachter Pierre Halmans liep het slecht af. De Sicherheitsdienst deed op 3 februari 1943 een inval in Heusden waarbij verdachte personen en joodse onderduikers werden gevangengenomen. Deze inval vond plaats nadat een familielid van Halmans uit Amsterdam een anonieme brief had geschreven naar de NSB-burgemeester Thomaes van Heusden. Het echtpaar Neuhaus is op 5 maart 1943 omgekomen in het concentratiekamp Sobibor.

Ook vader zelf moest af en toe onderduiken, hij werd dan gewaarschuwd. Vanaf 1943 zat hij gedurende langere of kortere tijd ondergedoken in Heesbeen bij de familie Verwiel (die woonde toen in het oude schoolhuis), in Heusden in het gezin van huisarts Havelaar en in Deil (bij Geldermalsen) in het gezin van zijn achterneef Huib Verstegen.

Nieuwsblad 04-08-1944De fruitteelt wordt steeds belangrijker, vader wordt bestuurslid van de ‘Afdeling Land van Heusden en Altena der Nederlandsche Pomologische Vereeniging’. Op 8 augustus 1944 organiseert deze lokale fruitteeltvereniging een excursie naar verschillende bedrijven in het Land van Heusden en Altena onder leiding van ir. Gerritsen, Rijkstuinbouwconsulent te Geldermalsen. Het Nieuwsblad meldt: “Achtereenvolgens zullen bezocht worden de bedrijven van de heeren C. van Everdingen te Heesbeen, J.C. Wink te Wijk, H. Kleinloog te Genderen, B. Spuibroek te Drongelen, D van Buuren en Jac. de Haan te Meeuwen”. Hoewel het fruitteelt areaal op ’t Hamelland gestadig groeit, blijven veeteelt en landbouw in de oorlog van groot belang.

Chr. OldendorpVader had de Heusdense Ordedienst in 1943 versterkt met enkele betrouwbare mensen, naast de belastingambtenaar Oldendorp de drukker A. van der Pol (mededirecteur van de firma L.J. Veerman), en de wijnhandelaar C.M. Vreeswijk.

Oldendorp was een ‘allround’ verzetsman, hij had contacten met ‘goede’ ambtenaren in Waalwijk en met politiemannen uit de wijde omgeving van Heusden. Hij heeft veel onheil kunnen voorkomen door waarschuwingen uit te geven voor huiszoekingen en razzia’s.

Na D-Day werd de Ordedienst ingeschakeld om strategische posities van de Duitsers te verkennen en op kaarten aan te geven. Oldendorp bewees goede diensten hierbij, hij kon door zijn werk bij de Belastingdienst onbelemmerd door de omgeving van Heusden fietsen!

In de nacht van 31 augustus op 1 september 1944 vliegt een aangeschoten, brandende Mosquito laag over de boomgaard achter ´t Hamelland en boort zich in de vette klei van de polder tegenover het oude schoolhuis. De navigator Tom Harris sprong op tijd uit het brandende vliegtuig en landde veilig, de 21-jarige piloot Bob Brigden sprong na de navigator uit het vliegtuig, maar vond de dood. Na de oorlog bezocht Tom Harris met de weduwe van Bob en met Bob’s zuster Heesbeen waarbij het graf van Bob Brigden op het kerkhof en ’t Hamelland bezocht werden.

Mrs. Bigden, zuster Brigden en de familie van E.

Aan de betrekkelijke rust in Heesbeen komt een eind als de geallieerde troepen door België richting Nederland trekken. De NSB-burgemeester van Heusden, A. Thomaes vlucht op 4 september 1944 naar Kleef.

Professor Winkelman schrijft in zijn boek over de Heusdense stadhuisramp: “De aftocht van de burgemeester was de inleiding op een dag vol spanning en avontuurlijke drukte. Duitse troepen in volle terugtocht kwamen door Heusden, in de richting van de brug, en verdwenen naar het Land van Altena en de Bommelerwaard. …. Vordering van scholen en huizen, inkwartiering van soldaten, S.S.-bewaking van de brug, die met vier grote en een reeks kleine mijnen werd voorzien, dat waren duidelijke kentekenen, dat het voor de bevolking tijd werd zich zo goed mogelijk voor te bereiden op de gevaren, die met zekerheid verwacht moesten worden”.

Brief Oldendorp 1969Oldendorp beschrijft in een brief naar aanleiding van een interview met vader in het Nieuwsblad van 30 oktober 1969 een voorval dat omstreeks Dolle Dinsdag plaats vond op ´t Hamelland: “…. Een eensgezindheid, zoals toen, is, behoudens een enkele uitzondering, ver te zoeken. Ik moet ook denken aan de veelvuldige besprekingen, die met U in de oorlogsjaren in het diepste geheim werden gehouden en waarvan nimmer iets uitlekte. …. De bespreking, na dolle dinsdag, bereikte een angstig hoogtepunt hetgeen ik nimmer heb vergeten. In het kleine kamertje (het kantoor van ‘t Hamelland) zaten U, Hr. Van Wagenberg, Hr. Van der Pol, Hr. Van Elderen en ondergetekende . Wij zaten met kaarten voor ons, toen een groep Duitsers op Uw erf verscheen. U behield Uw koelbloedigheid en ging ze tegemoet, ons de gelegenheid gevende het tafelkleed met de kaarten achter de radiator te doen verdwijnen.

Ik weet niet precies meer waar het over ging, doch in ieder geval scheepte U ze af. Toen hebben we toch aardig zitten te knijpen. We namen afscheid en zouden dan op eigen gelegenheid, ieder voor zich, verdwijnen. Toen ik aanstalten maakte om weg te rijden verscheen een Duitse hardloper, om mijn fiets in te palmen, doch kon ik hem een vrijstelling tonen, zodat ik verder kon gaan. Inmiddels was de Hr. Van Wagenberg met zijn nieuwe en dure fiets naderbij gekomen en toen ging die mof naar de Hr. Van Wagenberg. Doordat ik die kerel kon wijsmaken dat de Hr. Van Wagenberg bij mij hoorde liet hij ons gaan, maar wendde zich tot U. Hij wilde Uw huis doorzoeken naar fietsen, waarbij U met een glashard gezicht hem daarvoor toestemming verleende, daarmee ons de gelegenheid gevende om ertussen uit te trekken. Dit voorval was nu een echt staaltje van eensgezindheid. Dat voorval vergeet ik nimmer en heb daarvoor nog steeds mijn grootste waardering. Er zijn nog zeer vele zaken, waarop men kan mediteren, zoals de afvoering van de NSB’ers, het opmaken van dossiers voor de berechting enz., enz., doch dat ene en het allerfijnste is, dat het groepje van het eerste uur eerlijk en zakelijk hebben gewerkt en niet ons hebben laten verleiden door loze praatjes. Het was een fijne tijd, om met U samen te werken en dat waardeer ik nog steeds”.

Op 6 september 1944 worden in Waalwijk burgemeester Moonen en Joop Hoffmans geëxecuteerd als represaille voor het gevangennemen van twee landwachters uit Waalwijk door verzetslieden. Deze verzetslieden zijn daarna gevlucht naar het Land van Heusden en Altena. Op 8 september 1944 kreeg Oldendorp de opdracht om een aktetas met distributiebonnen en een verrekijker vanuit Heusden over te brengen naar twee ‘ondergedoken illegale werkers’ uit Waalwijk.

Dat waren Frans Mulders en Vin Weijers die in Genderen ondergedoken waren in de woning van Mouthaan aan de Genderensedijk. Oldendorp schrijft: “Na eerst de gewone weg verkend te hebben over de grote brug (de Heusdense brug die al geladen was met explosieven) of soms aanhouding en visitatie plaatsvonden ben ik zekerheidshalve overgegaan met het kleine veerbootje van Van Kooten met de bedoeling over Aalburg binnendoor (over de Polstraat) naar Genderen te gaan

Weijers en Mulders (fotocollectie SALHA)Hij gaat met het roeibootje vanuit Heusden naar de overkant van de Bergse Maas en fietst over de Bergse Maasdijk richting Genderen. In de buurt van de ‘Eilandse brug’ (over het Heusdens kanaal) ziet hij twee grote vrachtauto’s staan, deze zijn geladen met kisten. Op die kisten lag een witte vlag met een rood kruis.

De Duitse soldaten die bij dit transport hoorden hadden een helder wit verband om het hoofd. Oldendorp werd door een bij dit transport staande schildwacht aangehouden, hij werd gelukkig niet gevisiteerd, wel werd zijn persoonsbewijs gevraagd.

Stafkaart met Heesbeen, Heusden en GenderenLied herinnert zich dat in september 1944 op ’t Hamelland SS’ers worden gehuisvest: Een grote groep soldaten in de schuur op de deel en een jonge officier met twee onderofficieren in de linnenkamer van het woonhuis. Vader ontvangt de SS’ers met een stalen gezicht, maar is toch zenuwachtig. Enkele militairen doorzoeken het hele huis, als ze de klerenkast van onze ouders open doen zien ze het huzarenuniform van Kees. Dat uniform maakte zoveel indruk op de Duitsers dat verdere inspectie van het huis beëindigd wordt!

2e ltn. der HuzarenDe SS’ers waren niet onsympathiek, onze ouders zaten natuurlijk wel in hun maag met deze Duitsers. Op een bepaalde dag kwamen onze ouders er achter dat de SS-officier jarig zou zijn; om hem gunstig te stemmen wilden ze hem een door moeder gebakken cake en een fles wijn geven.

Op de ochtend van de verjaardag stonden ze met beide geschenken voor de gesloten deur van de linnenkamer, vader aarzelde met het aanbieden, moeder die vaak kordaat optrad zei tegen hem: “Nu kloppen Kees!”. De cadeaus vielen in goede aarde

Op zondag 17 september hoorden de inwoners van Heesbeen het monotone gebrom van hordes vliegtuigen, sommige met aangehaakte zweefvliegtuigen: De operatie Market Garden was begonnen!

Deel dit verhaal op:
  • Pinterest
  • Tumblr
  • Toevoegen als favoriet
  • Afdrukken

Reacties (1)

Marilou Nillesen
Marilou Nillesen bhic zei op 28 oktober 2019 om 15:55 uur

Imposant verhaal, Kees, en wat een bijzondere illustraties ook. Het geeft een mooi beeld hoe alledaags, en tegelijkertijd ontzagwekkend, die jaren moeten zijn geweest. Dank voor het delen!

Reageer op dit verhaal

Heb je al een account? Log in met je gegevens.

Heb je nog geen account? Plaats zonder inloggen, of Registreer een account

Help spam voorkomen en los de volgende som op:

Lees ook deze verhalen

vertelde op 20 april 2012 om 09:12 uur

Neergestorte vliegtuigen in Heesbeen c.a. 1940-1945

vertelde op 1 november 2014 om 10:23 uur

Herinneringen aan de Tweede Wereldoorlog

vertelde op 10 september 2019 om 14:04 uur

Heesbeen en omgeving in oorlogstijd - deel 1