i

Hoog Bezoek: Anderegg en Anderegg, dokters van naam

vertelde op 22 maart 2018 om 14:49 uur

In Hoog Bezoek belicht De Gelderlander de periode 1895-1928 aan de hand van de werkbezoeken van commissaris van de Koningin Van Voorst tot Voorst. In samenwerking met het Brabants Historisch Informatie Centrum. Vandaag aflevering 48: de familie Anderegg.

Een naam die in de verslagen van de commissaris der Koningin vaker dan eens voor komt, is Anderegg. Een kleurrijke naam bij een kleurrijke familie, dat idee krijg je als je leest wat de commissaris honderd jaar geleden schreef.

Martinus Anderegg (1834-1916)In die tijd waren er twee huisartsen met die naam, beiden broers. Franciscus Anderegg (1842-1911) was arts in Vierlingsbeek en zijn oudere broer Martinus (1834-1916) was dat in Mill. Tussen de regels door valt te lezen dat het eigenzinnige types waren. Over de arts in Vierlingsbeek schrijft de commissaris in 1902: Dr. Anderegg thans ± 62 jr. en gehuwd met eene dienstmeid uit het logement “de Wildeman”, alwaar zij bij den eigenaar, Herckenrath, diende. Ze is ± 18 jr. jonger dan haar man. Waar zal de commissaris zich het meest over hebben verbaasd? Dat Anderegg’s tweede vrouw zoveel jonger was of het standenverschil, ze was immers dienstmeid.

In hetzelfde jaar, na een bezoek aan Mill, tekent de commissaris uit de mond van de kapelaan op dat huisarts Anderegg, dan 68 jaar, niet altijd voldoende zorg heeft voor zijn patiënten. Zou de gemeente te uitgebreid zijn, en de taak voor den doctor te zwaar, dan zouden ze hem bijv. van de verloskundige praktijk kunnen ontlasten, door eene vroedvrouw aan te stellen. Op leeftijd of niet, deze Martinus Anderegg laat zich door de gemeente aan de kant schuiven. Zeven jaar later noteert de commissaris vol ongeloof dat de oude arts nog steeds 1.000 gulden per jaar opstrijkt als of hij de verloskundige praktijk nog waarnam!

Op de achtergrond brouwerij Het Anker, c. 1919 (BHIC, fotonr. MIL0044, detail)De Millse huisarts had twee zonen, Jos en Johan, die een heel andere richting kozen dan hun vader en oom: ze werden bierbrouwer en richtten in 1908 bierbrouwerij Het Anker op. Als we de commissaris mogen geloven was Jos ‘een moeilijk jongmensch’ waar de burgemeester het behoorlijk mee te stellen had. In 1908 belandde Jos voor drie maanden achter de tralies. Wat had hij uitgespookt? Op 9 augustus 1908 was één van zijn kameraden, Verstegen heette die, door de veldwachters opgepakt. Hij had veel te veel gedronken en was door de dienders ter ontnuchtering opgesloten in de cel onder het raadhuis. Jos Anderegg pikte dat niet. Hij trommelde een heel stel kornuiten op en de menigte belaagde het raadhuis. Anderegg ruide het volk op. ‘Wij halen hem eruit. Trapt de deur kapot, slaat ze op den donder’, riep hij. Timmerman Jan van Beusicom voegde de daad bij het woord en trapte de ruiten van het raadhuis in. Drie veldwachters wisten te voorkomen dat de dronkenlap werd bevrijd en rekenden zowel de timmerman als bierbrouwer Anderegg in. De rechter veroordeelde Anderegg tot drie maanden cel wegens opruiing. De dokterszoon ging in beroep, uiteindelijk zelfs tot aan de Hoge Raad, maar de straf bleef gehandhaafd en hij zat zijn straf uiteindelijk uit.

De commissaris, in zijn laatste woord: Hoewel de burgemeester daar geen part of deel aan had, heeft hij het natuurlijk gedaan, en heeft hij thans veel last van den aanhang van Anderegg, meest burgers van Mill, die meenen dat wet en verordening voor hen niet geschreven zijn, en zich boos maken, omdat de politie hen niet ontziet!

Foto's
  1. Martinus Anderegg (1834-1916)
  2. Op de achtergrond brouwerij Het Anker, c. 1919 (BHIC, fotonr. 

Dit verhaal verscheen eerder in dagblad De Gelderlander.

Bekijk hier alle verhalen in de serie Hoog Bezoek

Deel dit verhaal op:
  • Pinterest
  • Tumblr
  • Toevoegen als favoriet
  • Afdrukken

Reageer op dit verhaal

Heb je al een account? Log in met je gegevens.

Heb je nog geen account? Plaats zonder inloggen, of Registreer een account

Help spam voorkomen en los de volgende som op: