i

De Commissaris van de Koningin over Megen, Haren en Macharen

vertelde op 1 april 2009 om 14:57 uur

Tussen 1894 en 1928 was Mr. A.E.J. baron Van Voorst tot Voorst Commissaris van de Koningin in Noord-Brabant. Een van zijn taken was het regelmatig bezoeken van alle gemeenten in de provincie. Van die werkbezoeken hield hij nauwkeurig verslag bij. Dit had hij in al die jaren over Megen c.a. te melden:

Nieuwsgierig naar zijn handgeschreven tekst? Lees die dan hier.

Megen, Haren en Macharen

Den elfden Augustus1896 bezocht ik de gemeente Megen. Van Demen volgde ik den Maasdijk langs Dieden tot Megen, alwaar ik te ongeveer 3 uur aankwam. In de straat stonden de schoolkinderen om mij te verwelkomen, terwijl zich aldaar twee ruiters, als gardes d’honneur, voor mijn rijtuig voegden en mij verder begeleidden. Op het raadhuis vond ik den burgemeester met diens twee wethouders (Kocken en Kipp). Het dagelijksch bestuur van Megen maakte op mij een goeden indruk.

Ik vernam daar klachten over de afgunst van de gehuchten Haren en Macharen; niettegenstaande de in die gehuchten wonende raadsleden in den raad openlijk verklaard hadden, dat in hunne gehuchten van gemeentewege alles gedaan was, wat redelijkerwijs van de gemeente mocht verwacht worden, stemden zij als één man tegen het voorstel, om de straten in Megen in orde te maken, en werd dat voorstel dan ook slechts doorgedreven met de stemmen van de te Megen wonende raadsleden, niettegenstaande deze slechts gestemd hadden voor verbeteren van straten; voor in orde brengen van scholen enz. enz. te Haren en te Macharen.

Te Megen is een groot gymnasium, bestuurd door Paters Franciscanen; de ± 120 leerlingen wonen als student bij de verschillende inwoners van Megen aan huis en betalen daar ± f. 175 kostgeld. Het is haast onbegrijpelijk, dat zulks goed gaat; de jongelui zijn van 12- tot 20-jarigen leeftijd. Het gymnasium bestaat reeds meer dan 250 jaar; de Franciscanen zijn in hun arbeid nooit gestoord. Eens is het gebeurd, dat een dominee in hunne kerk gepreekt heeft; maar dat is ook het ergste, wat hen overkwam; het gebeurde in 1672.

Het klooster van de paters Franciscanen (Minderbroeders), gezien vanuit de kloostertuin. Links op de achtergrond het gymnasium, 1929 (Het Zuiden, BHIC)Het Franciscanenklooster. Links op de achtergrond het gymnasium, 1929 (Het Zuiden, BHIC)

Aan de eene zijde van de straat staat het Franciscanerklooster; daartegenover aan de andere zijde staat het gymnasium, waaraan 7 Franciscaner Paters als professor verbonden zijn; deze wonen in het klooster, en hebben het recht de gangen van hunne leerlingen na te gaan, zoowel overdag als des nachts; de leerlingen mogen zich nergens bevinden dan op het gymnasium, thuis of onderweg tusschen gymnasium en hun huis.

Op mijne audientie verscheen de Katholieke geestelijkheid van Megen, benevens eenige paters; verder de dijkgraaf van den binnenpolder, en een paar menschen, die raad kwamen vragen. Bedoelde dijkgraaf gaf in 1885 ± f. 1.500,- uit op een oogenblik dat de dijk in gevaar was; tengevolge van ergerlijke handelingen van den toenmaligen burgemeester van Megen – Sengers – is hem dat geld niet terugbetaald.

Sengers, die tevens burgemeester was van Oijen, en rentmeester van de familie Smits van Oijen, was secretaris-penningmeester van den binnenpolder; zijn kas was niet in orde; vandaar dat de dijkgraaf zooveel geld aan hem te kort is gekomen. In 1888 is Sengers afgezet en als burgemeester vervangen door den tegenwoordigen burgemeester Remmen. Sengers is in Megen blijven wonen, en wordt door zijne familie onderhouden; om aan zijn drankzucht te voldoen, maakt hij requesten tegen het gemeentebestuur, waartoe zijn kennis van gemeentezaken hem in staat stelt; hij laat zich verder in kroegen tracteeren door de menschen, waarvan hij onthouden heeft wanneer zij verjaren.

Het raadhuis is gevestigd onder hetzelfden dak als het gymnasium der Franciscanen; toen het gymnasium in 1895 vergroot werd, heeft de gemeente voor f. 2.000,- gebouwd tot boven de balklaag, en daarvoor haar Raadhuis en daaronder een brandspuitenhuis gekregen; de paters onderhouden het dak, de schoorsteen, enz.; van een en ander bestaat een contract.

De administratie van den secretaris en die van den ontvanger gaf aanleiding tot kleine opmerkingen, welke ik schriftelijk ter kennis van het gemeentebestuur bracht.

Het gymnasium met rechts het raadhuisHet gymnasium met rechts het raadhuis

Den 7 September 1900 kwam ik weder te Megen. Van B. en W. vernam ik, dat er een geneesheer te Megen is, Dr. Henri van den Berg; verloskundige is hij niet; er is ook geen vroedvrouw. Vertrouwen heeft Dr. v.d. Berg absoluut niet; noch burgemeester; noch wethouders, noch leden van den Raad, noch wie ook, die een anderen doctor kan betalen, neemt Dr. v.d. Berg. Men gaat meestal naar Dr. Philips te Huisseling.

De burgerlijke armbesturen te Megen, Haren en Macharen zijn zeer rijk, vooral Megen en Macharen. Door die armbesturen wordt Dr. v.d. Berg bezoldigd. Ik gaf als mijne meening te kennen, dat, als Dr. v.d. B. niet goed genoeg was voor de rijken, hij ook niet mocht gebruikt worden voor de armen; men moet hem dus n.m.m. vervangen door een bekwamen doctor; men moest in zaken als deze uitsluitend te rade gaan met het verstand, en niet met het hart.

Van B. en W. vernam ik, dat de inwoners van Megen het recht van klauwengang op den Megenschen Ham hebben tot 15 April, en na de inzameling van de tweede snede. Eene verordening van politie op de uitoefening van dat recht bestaat sinds 1811 het laatst herzien in 1895.

Van de leden van den raad waren er 4, onder wie de twee wethouders te Megen; 2 te Haren en 1 te Macharen. De burgemeester is geen lid van den Raad; hij bedankte als zoodanig omdat het naar zijne meening moeilijk samenging met het schoolopzienerschap; hij gaf althans, toen hij als raadslid bedankte, dat motief aan. De werkelijke reden was, naar hij mij mededeelde, dat hij een grooten schreeuwer in de gemeente, van wien hij veel last had, gaarne raadslid zag om hem op die wijze tot oordeelen in staat te stellen, dan zou diens oppositie van zelve ophouden. Het was juist uitgekomen zooals de burgemeester voorzien had.

B. en W. uitten bittere klachten over den opzichter Van de Ven te Oss, in verband met de bestrating en de riolering van de gemeente; zij gaven vrij wel te verstaan, dat de opzichter Van de Ven met den aannemer van Dinther onder een deken had geslapen. De gemeente Megen was nu het kind van de rekening; Megen had nu gekregen eene slechte bestrating, voor veel geld, en bovendien eene procedure met den aannemer Van Dinther; en verder nog eene rekening van v.d. Ven, zoo hoog, dat die haast net te betalen was.

Toen er niemand op mijne audiente verscheen, en ik dus wat tijd over hield, ging ik met B. en W. langs het Maasveer naar de eigen uitwatering van de familie Singendonck op Maasakker (questie Coolen en Van Erp) kijken. Het komt mij voor, dat Singendonck zich terecht verzet tegen het streven van Coolen c.s. Singendonck heeft eene eigen uitwatering en weinig of geen belang bij het in stand houden van de groote Megensche sluis.

Die groote sluis is zeer slecht en wordt niet meer onderhouden in de laatste jaren. Mocht die sluis er uit vliegen, dan is dat voor Megen eene groote schade, omdat dan het water aan den dijk komt te staan, en de binnendijks gelegen gronden veel last zullen hebben van kwel. Het veer te Megen behoort aan de gemeente; het is voor f. 1.900 ’s jaars verpacht; in 1900 werd voor den pachter eene groote zaal gebouwd, opdat de menschen behoorlijk zouden kunnen zitten.

Den 25 Mei 1904 kwam ik weer in Megen. Vanuit Ravenstein reed ik daarheen. Denzelfden dag bezocht ik nog de gemeenten Herpen en Huisseling. Megen bestaat grootendeels op het gymnasium der Franciscanen. Het ware wellicht beter geweest, als het daar nooit was gekomen; nu het er eenmaal is, zou het een ramp voor Megen zijn, wanneer het weg ging. In 1903 werd er in Megen f. 33.000 betaald aan kostgeld voor studenten enz. Van 3 tot 12 studenten wonen te samen bij één gezin; wanneer twee jongens samen in één bed slapen, dan is het kostgeld f. 160,-, dat komt echter bijna niet meer voor. Slapen ze alleen, dan is het kostgeld f. 170; + f. 10 voor bewassing.

Voor schoolgeld, boeken enz. wordt jaarlijks aan de Paters ± f. 40 betaald. Er zijn thans 96 leerlingen; het getal is verminderd, doordat er meer gelet wordt op bekwaamheid, en niet maar rijp en groen wordt aangenomen. Het onderwijs is gelijk aan dat van het klein seminarie; de jongens, die er komen hebben allen het voornemen om in den geestelijken stand te treden.

Het zielental gaat langzaam achteruit. De verhouding tusschen de inwoners schijnt vrij goed te zijn; voor den Raad werd er nog nooit gestemd. De armbesturen zitten er goed bij; de inkomsten van dat te Megen bedragen f. 4.500; van dat te Haren f. 1.000; van dat te Macharen f. 2.000. Het kost zeer veel moeite om een administreerend armenmeester te krijgen; voor een pr. jaren zou er één komen voor de drie besturen samen, op een salaris van f. 200.

De Pastoor van Macharen verzette zich daartegen, omdat de goederen van den algemeenen arme hoogst waarschijnlijk aanvankelijk kerkelijk bezit zijn geweest, goederen van den H. Geest arme. Hij meende, dat ook niet het geringste deel van de inkomsten van den arme mocht gebruikt worden voor salaris van een administreerend armenmeester. Hij ruide de raadsleden op, en het voorstel van B. en W. viel.

Oud archief is te Megen niet; voor eenige jaren kocht het Rijk op de markt te Amsterdam van een Jood een kist met oud archief van Megen; dat is nu in het Rijksarchiefgebouw te ’s Bosch. B. en W. meenen dat de afgezette burgemeester Sengers nog veel oud archief moet hebben; zij zien geen kans, het van hem terug te krijgen, en hopen nu, het na zijn dood weer te bemachtigen.

Van Mr. v. Cooth erfde de gemeente 4 H.A. binnenland onder Haren, benevens f. 4.000; van de revenuen wordt nu het herhalingsonderwijs betaald. Wanneer de gelegenheid zich voordoet, hoopt men een onderwijzer met landbouwacte aan te stellen.

Het Megensche veer is door de gemeente verpacht; de pont, bootjes enz. zijn van de gemeente; derzelver waarde werd bij aanvang der huur getaxeerd; bij eindigen van de huur zal er weer eene waardeering plaats hebben. Wat pont enz. alsdan minder mochten waard zijn, zal door den huurder moeten worden bijbetaald.

Clarissenklooster te Megen (1940)Clarissenklooster te Megen (1940)

Het Klooster van de Zusters Clarissen is al wel 300 jr. in Megen; op de fundamenten van het oude kasteel te Megen werd haar klooster opgebouwd. De zusters doen niets dan bidden. De zusters Capucinessen te Haren houden bewaarschool en geven les in nuttige handwerken. Dr. Van den Berg is nóg armendoctor; hij was gehuwd met de schoonzuster van burgemeester Sengers; door zijn zwager werd hij naar Megen gehaald. Met hem solliciteerde destijds o.a. Dr. Crobach uit Deurne!

B. en W. vragen zeer om mijn steun op hun verzoek aan de Regeering, om, nu de notarieele standplaats te Ravenstein vacant is, deze te verleggen naar Megen. Ik heb hen niets beloofd, en hen alleen maar gezegd, dat er m.i. meer reden was, om de standplaats van Oijen terug te brengen naar Megen.

Den 31 Maart 1908 kwam ik weer in Megen. B. en W. hebben een questie met den eigenaar van het veer te Maasbommel. Deze is nu ook eigenaar van den weg van het veer door den Megenschen Ham naar den dijk. De inwoners van Megen mogen den Ham tot 15 April beweiden; opdat het vee niet uit de weide gaat, plaatsen B. en W. een draaiend hek op dien weg; tegen dat hek heeft de veerman bezwaar, tenzij B. en W. er een wachter bij plaatsen, om voor ieder, die van den weg gebruik maakt; het hek te openen. Ik heb mij mijne mening in deze voorbehouden.

De burgemeester kan niet met zijn secretaris-ontvanger De Wit, een protégé van den wethouder Kipp. Met dien secretaris – een zwager van notaris Van de Westelaken uit Son – een langdurig onderhoud gehad. Die jonge man maakte op mij geen slechten indruk, al komt het mij voor, dat er wel eenigen grond is voor de klachten van den burgemeester. Ik heb getracht wat olie op de golven te gieten, en heb tegen beide partijen in verzoenenden geest gesproken.

Dr. Van den Bergh is dood; men zit nog altijd zonder doktor, niettegenstaande gemeente f. 1.500, Rijk en Provincie ieder f. 250 geven. Van de f. 1.500 van Megen wordt het grootste gedeelte door de armbesturen gedragen. Met het oog op de verschillende kloosters, gestichten en inrichtingen wil men absoluut een Roomschen doktor; die nu schijnt moeielijk te vinden, tenzij men voor hem ook nog een huis bouwt. Niet-Roomsche dokters schijnen er in voldoende aantal te krijgen. Verloskundige hulp is er in Megen geheel niet te krijgen; vooral bij hoog water en ijsgang is het gemis van eene vroedvrouw eigenlijk nog heel wat erger, dan dat van een dokter.

Den 1 Mei 1912 kwam ik weer in de gemeente; denzelfden dag bezocht ik nog Huisseling en Herpen. Ik maakte den tocht vanuit Den Bosch. Er was niemand voor de audientie. Het beweiden van de Megensche Ham was dit jaar voor gemeente buitengewoon voordeelig; reeds vroeg stond er veel gras. Naar matige schatting taxeeren B. en W. de waarde van de vóór- + de náweide op den Megenschen Ham voor de ingezetenen van Megen (Haren en Macharen hebben er geen recht op) op gemiddeld f. 4.000 ’s jaars.

In hoeverre de eigenaren van den grond in den Megenschen Ham het vóór- en náweiden zouden kunnen beletten, is nooit door de rechter beslist. Maar in Batenburg bestaat ook een dergelijk oud recht; dáár heeft de rechter beslist, dat, wanneer de eigenaren hunne gronden omheinden, zoo dat men ze niet kon betreden zonder de omheining te verbreken, het recht niet mocht worden uitgeoefend.

In Maasakker en Diedensche Uiterdijk begint thans eene normale geregelde toestand te heerschen; zoowel de sluis als de waterleiding komen binnen enkele weken geheel in orde; de sluis = de groote Megensche sluis.

Gymnasium te Megen (1929)Gymnasium te Megen (1929)

Het getal leerlingen der Franciscanen blijft voouitgaan. De Franciscanen gaan eene Hoogere Burgerschool openen te Heerlen; om aan de benoodigde leerkrachten te komen werden de beste docenten naar de verschillende Universiteiten gezonden, om daar tevoren te promoveeren; dat is wel jammer voor het gymnasium te Megen, dat daardoor de beste professoren verloor.

Er is weinig werk in de gemeente; minstens 80 menschen werken buiten de gemeente, meestal in Duitschland. Armoede wordt weinig geleden; de fondsen van de armbesturen zijn nog al groot. Inkomsten uit legaat Van Cooth bedragen f. 400; daarvan wordt herhalingsonderwijs gegeven; hoofd der school gaat in Augustus op voor landbouwakte; slaagt hij, dan komt er een landbouwcursus.

Megensche veer verpacht voor f. 2.150; veel te duur; bovendien in handen van een verkeerden pachter; deze laat de daaraan verbonden nering: steenkolenhandel enz. verloopen. De mandenmakerij, door het Megensche armbestuur opgericht om werk te verschaffen, behoefde in 1911/12 niet druk te werken; slechts zes personen kwamen er hun brood verdienen.

Den 30 Juli 1917 bezocht ik vanuit Den Bosch de gemeenten Megen, Huisseling en Herpen. Mijn eerste woord was eene aanmerking aan het adres van den secretaris: het verslag van den toestand der gemeente over 1916 was nog niet op het Gouvernement! Het Gymnasium der Franciscanen telt minder leerlingen dan vroeger (80 tegen 106); het peil van ontwikkeling is hooger; die niet mede kunnen, worden weggestuurd. Aan kostgeld wordt thans f. 190,- gevorderd; de betaling schijnt dikwijls veel te wenschen over te laten; de paters zouden deswege nog wel f. 20.000 te vorderen hebben!

Rijtuig met v.l.n.r.: pastoor van Megen O. Schellekens; burgemeester van Vlokhoven; pater fr. Borromeus de Greeve, 1921Rijtuig met v.l.n.r.: pastoor van Megen O. Schellekens; burgemeester van Vlokhoven; pater fr. Borromeus de Greeve, 1921

De Pastoor van Megen verdraagt zich niet met de Paters; hij preekt tegen hen. Zelf weet hij niet beter te doen, dan den ganschen dag aan de muziek te offeren, vooral om kleine kinderen te leeren zingen, en om een harmonie te oefenen! Het armbestuur te Megen heeft een jaarlijksch inkomen van f. 10.000; dat van Haren f. 2.400; en dat van Macharen f. 4.000. Bedragen, veel grooter dan voor de werkelijke behoefte gevorderd wordt! Doordat de industrie in Oss goed gaat, wordt thans in Megen veel geld verdiend: 70 à 80 arbeiders werken in een nachtploeg bij Jurgens, en verdienen f. 2,- per nacht!

Den 19 Augustus 1920 kwam ik weer in Megen. Het gaat daar niet goed; de secretaris stookt en wroet, en verwaarloost in ergerlijke mate zijne secretarie. Schuldbewust had hij mij een langen brief geschreven, om mij te zeggen, dat alles slecht in orde was, maar dat hij beterschap beloofde, en dat alles over twee maanden in orde zou zijn. Het onderzoek ter secretarie toonde aan, dat het er daar nog veel erger uitzag, dan men het na dien brief zou denken; het is werkelijk ongeloofelijk.

Er is veel strijd in de gemeente; veelal ten gevolge van de persoon van den secretaris. Bij de gemeenteraadsverkiezing in 1919 kwamen er 4 nieuwe raadsleden, van wie één – Sleenhof – speciaal moet beschouwd worden als der vertegenwoordiger van de arbeiders.

De voorbeweiding van de Megenschen Ham was dit jaar bijzonder voordeelig; wel 700 beesten werden er in gejaagd; de inwoners van Megen hadden daaraan eene bate van minstens f. 10.000. Er is geen register omtrent de exploitatie van de gemeentelijke bezittingen.

De getaxeerde schade ten gevolge van de dijkbreuk te Cuijk beliep ± f. 18.000; daarvan werd ± f. 8.000 vergoed. Er wordt 4¼ % hoofd. omslag geheven; het zal nog belangrijk meer moeten worden; desniettegenstaande wil men zelfstandig blijven als gemeente; zou er eene vereeniging moeten plaats hebben, dan is eene vereeniging met Oss aangewezen.

Den grooten boeren – een tiental – gaat het heel goed; de keuters waren er veel beter aan toe, als zij gewone arbeiders waren; er zullen er ± 40 zijn.

Gymnasium Franciscanen telt thans ± 100 leerlingen; allen onder dak bij ingezetenen; f. 275 kostgeld. De Pastoor ligt nog altijd met de Franciscanen overhoop en preekt tegen hen. Den 16 Augustus 1920 herdachten de Franciscanen den dag, waarop zij vóór 375 jr. zich in Megen vestigden. Aan hunne H.B.S. te Heerlen is nog één leekenonderwijzer, een ingenieur; de Orde heeft aan de verschillende Universiteiten – ook te Delft – Paters, die daar studeeren; men wil een dubbeltal docenten hebben voor Heerlen. Pater Lichtenberg, buitengewoon hoogleeraar te Utrecht, Pater Kruitwagen, Pater Boromeus de Greeve zijn franciscanen; de studie is bij de Franciscanen blijkbaar in hooge eere.

Dr. Baptist, ook wel de Kwartjesdokter of de Wonderdokter genoemd vanwege zijn goede zorg voor zijn patienten, 1951 (Het Zuiden, BHIC)Dr. Baptist, ook wel de Kwartjesdokter of de Wonderdokter genoemd vanwege zijn goede zorg voor zijn patienten, 1951 (Het Zuiden, BHIC)

Den 28 Mei 1923 bezocht ik Megen en Heesch. De pas gehouden Raadsverkiezing bracht drie nieuwe Raadsleden: wethouder Meijs en v.d. Camp hadden zich niet meer verkiesbaar gesteld, terwijl de arbeidersafgevaardigde Sleenhof niet herkozen werd. In den Raad zitten thans 2 oppositiemannen: Hoefnagels en wethouder Mooren; 2 wilden; en 3 aanhangers van den burgemeester.

Aan woningbouw deed gemeente niets; met Rijkspremie werden zeven woningen gebouwd. De restauratie van de Gevangentoren, waarvoor Rijk en Provincie subsidie gaven, vordert buitengewoon langzaam. Men is bezig Megen, zoowel als Haren en Macharen te electrificeeren; dat kost f. 39.000. Het schijnt niet heel waarschijnlijk, dat het bedrijf zich zal dekken. Grootste afnemer is het Gymnasium van de Paters, dat eene afname van 1200 K.W.U. garandeerde tegen 40 cent per K.W.U. Gemeente vraagt van de andere afnemers 60 cent voor licht en 25 cent voor kracht buiten den spertijd. Megen is geheel gerioleerd.

Dr. Baptist is belast met de geneeskundige armenpraktijk; men is over hem zeer tevreden. Megen is erg geïsoleerd; een autoverhuurder berekent 35 cent de K.M.; een rijtuig naar het station te Berghem kost f. 5. Men verlangt er hard naar, dat de een of andere autobusondernemer ook Megen aandoet.

De verhouding tusschen den Pastoor en de Franciscanen is tegenwoordig goed. De Kapelanie is opgeheven. Een Pater uit het Klooster werd aangesteld tot kapelaan. De Pastoor heeft op die manier de Paters moeten leeren verdragen.

Veel arbeiders uit Megen kregen op de fabrieken in Oss gedaan. Er zullen daar nog 12 Megenaars werken; meestal in nachtploegen; zij verdienen daar thans om en om f. 20. De doorbraak van den dijk in de Beerse Maas berokkende in den afgeloopen winter in Megen veel schade. Als die dijk het houdt, zal Megen weinig of geen waterschade meer ondervinden.

Beide partijen waren dankbaar en tevreden, dat de questie van het Megensche veer is opgelost, en dat de tegenwoordige pachter voor drie jaar weer in huurde, en f. 300 meer aan pacht zal betalen.

Deel dit verhaal op:
  • Pinterest
  • Tumblr
  • Toevoegen als favoriet
  • Afdrukken

Reageer op dit verhaal

Heb je al een account? Log in met je gegevens.

Heb je nog geen account? Plaats zonder inloggen, of Registreer een account

Help spam voorkomen en los de volgende som op: