i

Dit verhaal gaat over:

Locatie: Helvoirt
Periode: 1900 - 1961
Tags:

Voor priktollen en bakhuizen: Marten van de Graaf (1870-1961)

vertelde op 29 juni 2017 om 09:33 uur

Marten (Martinus) van de Graaf woonde samen met zijn zus Netje (Antonetta, 1873-1941) in het huis Torenstraat 53, dat al sinds 1827 in de familie was. Rond 1900 verbouwde hij dit huis tot timmerwinkel. Marten was van alle markten thuis: hij verdiende de kost als dagloner, metselaar, riet- en leidekker en stoelenmatter, maar zijn grote liefde lag bij zijn zelfgemaakte draaibank.

Marten de Graaf aan het biezenmattenDaarop maakte hij van alles: stoelen en dorsvlegels, hak- en pintollen, het maakte niet uit, als het maar rond was! De stoelen waren allemaal uitgevoerd met zittingen van biezen die hij zelf uitzocht en sneed in het Helvoirts Broek. De matten gingen jaren mee. Marten was een legende in Helvoirt. Iedereen kende hem en als het pintollentijd was voor de jeugd, had hij het erg druk.

In de avonduren maakte hij pintollen voor de meisjes en supergrote haktollen voor de jongens, maar nooit zonder ze eerst uit te proberen. Een spelletje meespelen deed hij ook graag. Dan voelde hij zich weer opnieuw jong. Zijn haktollen waren moeilijk stuk te gooien en daar ging het ook uiteindelijk om. Dat was het spel! Ze waren daarom van speciaal hout. Wat voor hout zei hij niet, want er waren altijd kapers op de kust! Maar je kon wel zien dat het geen zacht hout was. De jongens waren trots als ze de haktol die Marten speciaal voor hun gemaakt had, konden laten zien aan andere kinderen.

In de zomer en zeker als het goed weer was, ging hij de boer op met zijn zelfgemaakte kruiwagen vol gereedschap. Hij heeft vele bakhuizen gemetseld; zijn specialiteit was een toogoven die ontzettend goed trok en waarin het vuur lang bleef nagloeien. Hij gaf zelfs garantie, op voorwaarde dat hij de oven de eerste keer zelf aanstak en controleerde. Dat ging dan onder het genot van een borreltje en een goede sigaar.

Huize Van de Graaf was een zoete inval. Niet alleen kwamen er mensen uit het dorp die iets gemaakt moesten hebben, maar het was daar ook gewoonte om een bekske koffie te drinken, want koffie zetten, dat kon Netje! Het was een gezellige buurt; men liep bij elkaar in en uit en als er geholpen moest worden, stonden ze klaar voor elkaar. Zo ging dat nog vroeger! Het was dan ook een hele klap toen Netje na een ziekbed op 5 juni 1941 stierf. Dat kon Marten maar moeilijk verwerken. Alleen zijn dat was niets voor hem.

Maar er kwam een oplossing: Piet van Hattum kwam met zijn gezin bij hem inwonen en daar had Marten veel steun aan. Doordat het goed klikte en Marten een goede leermeester was, had Piet het stoelenmatten zo onder de knie en had Marten voortaan een goede steun en kracht aan Piet die lang met zijn gezin bij Marten heeft ingewoond, tot hij een boerderij betrok in de Achterstraat. Daardoor kwam Marten weer alleen te zitten.

Hij verkocht het huis in 1956 aan Pieter van Iersel (de smid) die het pand sloopte en er een smederij met winkel voor in de plaats bouwde. Marten verhuisde naar Udenhout waar hij introk bij Pieter Witlox, een kolenhandelaar. In 1961 is Marten in zijn slaap overleden.

Deel dit verhaal op:
  • Pinterest
  • Tumblr
  • Toevoegen als favoriet
  • Afdrukken

Reacties (2)

Gerard H.A.A. de Bie
Gerard H.A.A. de Bie zei op 29 juni 2017 om 13:36 uur

Deh waar d'n goeien auwe tijd van gemoedelijkheid en 'tijd zat'.

Jan Oerlemans ( geb. 1941 ) zei op 15 augustus 2017 om 12:01 uur

Gerard,
Doet mij denken aan "de goeie oude tijd" in Helvoirt.
Ik heb een keer een haktol bij Marten mogen kopen van mijn ouders.

Reageer op dit verhaal

Heb je al een account? Log in met je gegevens.

Heb je nog geen account? Plaats zonder inloggen, of Registreer een account

Help spam voorkomen en los de volgende som op:

Lees ook deze verhalen

vertelde op 7 april 2009 om 11:29 uur

Antoon Coolen van Helvoirt, 1875-1905

vertelde op 10 mei 2017 om 12:00 uur

Toontje doet goede zaken